Jaap Schot, 10 november 2000
De centrale heilige schriften zijn niet meer religieus (Bijbel, Koran), maar juridisch-politiek (de grondwetten der nationale staten, het handvest van de VN, e.d.).
Dieper dan dat heilig vinden zit het zich niet los herkennen / poneren / definiëren van de eigen apperceptieve massa (cfr. de eigen kleding, waarmee ze ook zo'n expressie- en verbondenheidsrelatie hebben).
Centraal in die apperceptieve massa is de aangeleerde taal (woorden plus begrippensystemen), waarin het waarneembare wordt voorvervormd, nog voor het bewust wordt.
Door ze verkeerde begrippensystemen (opvattingsmanieren en analysemanieren) aan te leren, kan men mensen verhinderen te weten wat ze kennen. Kennen van wat je raakt, is onvermijdelijk, maar het juiste analyseren (in tegenstelling tot 'uitsnijden') en begrijpen is niet van nature gegeven. Het hele geïnspireerd-wetenschappelijk-zijn is er om de juiste begrippenapparaten aan te maken. "Ik WIL (MOET EN ZAL) het doorkrijgen", dat is de centrale gedachte daarvan. Er blijken slechts niet-volmaakte 'theorieën' te zijn, tot nu toe. Maar dat feit te kennen, is een kern van verlichting. Het gaat hier om het verlichtende inzicht dat er door niemand in zijn of andermans begrippen DE HELE alle andere teksten als mogelijk-waar uitsluitende tekst wordt aangemaakt.
Het is totaal verschillend van 'onzeker-zijn', dat beseffen dat je waarheid spreekt zonder dat je de hele waarheid (in de betekenis van 'alles over dat onderwerp') uitzegt. Je drinkt echt water, maar niet alle water. Zoiets.
Zodra en zolang ik mij-onderwezen, doorgegeven, begrippen gebruik, weet ik dat het gevaar bestaat dat ik via die begrippen tot een fout opvatten (minstens tot 'over het hoofd zien van belangrijks) kan worden aangezet/ gebracht.
Dat gevaar is er ook bij mijn zelf-aangemaakte en zelf geijkte begrippen. Het is onvermijdelijk, het hoeft ook alleen maar bewust te worden en te blijven.
Om op te merken wat doordat er geen woorden/ begrippen voor zijn over het hoofd gezien wordt, van wat mensen (inclusief mij dus) overkomt in de civilisatie moest ik mij ongebruikelijke verhalen aanmaken. Zoals over Verstandië en over het in omloop bij onderworpenen brengen van geld via dienaren van de soeverein.
0 Reacties