Het bewegen in de samenleving

Categorieën: 1986, 1 april – 1989, 31 december | Archief | Overige teksten

Trefwoorden:

Jaap Schot, 23 mei 1986

Ieder zich vestigen, zich vastleggen op verplichtingen, zich houden aan wat men als persoon is geworden, zich vasthouden aan wat men van beroep en specialisatie is geworden, zich vasthouden aan de vaste baan waarin men functionaris is, vermindert de beweging binnen de maatschappij, vermindert de flexibiliteit en mobiliteit van de mensen als werknemer, vertraagt en verhindert veranderingen in de samenleving door het werken in de richting van het gelijk houden zowel van het aanbod van als van de vraag naar goederen en diensten. Mode en technische verbetering en vervolmaking blijken bij nadere beschouwing slechts oppervlakteverschijnselen. Men behoeft slechts musea te bezoeken om te kunnen zien dat bijvoorbeeld de ontwikkeling van de muziekinstrumenten in de loop der eeuwen slechts een technische is geweest, men ziet er de met de hand bediende mechanische voorlopers van de nu elektronische apparaten. Men ziet er de mechanische muziekautomaten vervangen worden door de elektrische en elektronische en men ziet dat er verder niets verandert. Men ziet in de musea hoe in de loop van de tijd de kleding veranderde en de mode begon te woeden, en hoe er niets veranderde aan het onderliggende menselijke reageren en interageren, hun doen, hun laten, hun streven, hun vermijden en hun omgaan met elkaar.

We zijn het bezit van het geheel van onze tijdgenoten/ landgenoten. Die, als geheel, via de staat,

  • doen ons op school,
  • laten ons oproepen voor militaire dienst,
  • stellen ons te werk en ontslaan ons
  • en betalen ons een uitkering.

De slavernij is afgeschaft, we zijn slaven-in-zelfbezit. Ik kan dit alles uitzeggen en daardoor voel ik me geen slaaf; slaaf-zijn is niet meer dan een gevoel, een interpretatie van, een vals bewustzijn, een foutief begrippensysteem gebruiken voor het begrijpen van: gevangenschap. Gevangenschap is tegengehouden worden en heeft twee vormen: het land niet uit mogen (geen uitreisvisum krijgen) en geen enkel ander land binnen mogen (geen inreisvisum krijgen); wat voor de landen duidelijk geregeld is, bestaat ook, onduidelijk en ongeregeld voor groepen, bedrijven, beroepen, families, dorpen, wijken enz. enz.. Na de gevangenschap, logisch erna, volgt het opleggen van plichten en het afdwingen van gedragingen van de gevangenen.

Positiebekleders zijn slechts positiebekleders. De gevangenen zijn georganiseerd, worden georganiseerd gebruikt. In een vrije democratie van gevangenen doen ze dat gebruiken elkeen met elkander. Positiebekleders vullen uniformen, bezetten plaatsen, handelen vanuit programma's, ze zijn biologisch geproduceerde, in scholen geprogrammeerde computers / robots. Ze zijn de uitverkoren, best geslaagde, maaksels uit kinderen. Ze zijn niet zomaar wilde, ongeschoolde, groeisels uit kinderen, maar geslaagde pogingen tot programmeren (met of zonder mystificeren?). Ze zijn bruikbaren tussen vele overtollige bruikbaren en tussen nog veel meer, een massa onbruikbaren (groeisels, misbaksels, verknipten, middelmatigen, achterblijvers, tweede keus, gedeeltelijk versletenen, door werkervaringen moeilijker hanteerbaar gewordenen). De techniek van het aanmaken van bruikbaren uit kinderen wordt massaal gepraktiseerd. Er vindt daardoor een overproductie plaats. Men wil hier te lande heden ten dage het ergste geweld van kostscholen en van volledig op prestaties gerichte scholen niet van harte. Vandaar dat er wel voldoende positiebekleders worden aangemaakt, maar tevens een grote massa onbruikbaren, oninzetbaren, moeilijk bruikbaren, moeilijk inzetbaren.

Er is geen streven naar het optimaal gebruiken van wat men al scholend aan maaksels produceerde uit kinderen en van wat men al falend aan groeisels liet (niet verhinderde te) ontstaan uit kinderen. Er is geen streven aan de gang naar het optimaal gebruiken van alle ingezetenen, teneinde hen allen te laten functioneren via dat wat er door opvoeding en opleiding om hen als individu is aangebracht aan persoonlijkheid (de toevallige verzameling manieren van doen, neigingen, opvattingsgewoonten, manieren van aanpakken van zaken enz. enz.).

Opvoeden was en is het aanmaken van IETSonderdelen, van gelovigen, van mensen die levenslang iets over blijven hebben voor de waarden die de opvoeders hen als waardevol voorhielden. Het doel van opvoeden is het aanmaken van levenslange 'programmeringen'. Dat geldt voor het opvoeden tot rooms katholiek, tot communist, tot democraat, tot non-conformist, tot wat dan ook. Ook het onderwijs in ons land hedentendage heeft tot gevolg en/of verhindert niet dat er om elke individuele leerling een persoonlijkheid gevormd wordt. Gevormd wordt door de opvoeders en leraren of zich ondanks hen vormt 'vanzelf', spontaan, onbedoeld, schijnbaar van binnenuit, vanuit het individu in kwestie, als natuurlijke toe-eigening van en reactie op de waarden en gewoonten van voorbeeldfiguren en/of van gelijken.

We zitten met elkaar als die producten van opvoeding, onderwijs en toeval. We zitten met elkaar, als elkaars gevangenen en elkaars cipiers. Iedereen mag ons land uit, maar het buitenland zit op de meesten van ons die weg zouden willen bepaald niet te wachten.

We kunnen ons geen ander doel stellen dan het optimaliseren van lustbeleven, want aan dat doel zitten we, via ieder van ons als individu onverbrekelijk vast. Het maximaliseren van lustbeleven en het minimaliseren van onlustbeleven motiveren ons van nature, onontkoombaar. We streven naar lust, we vermijden onlust. Dat is een gegeven.

Het beleven van lust doen we aan biologisch functioneren. Biologisch functioneren doen we via de vormen waarvoor onze persoonlijkheid ons ruimte laat en via vormen die onze persoonlijkheid ons suggereert en aanbeveelt, omdat we deze manieren geleerd hebben. We beleven lust via het doen van wat we geleerd hebben.

We zijn gelukkig als we gewoon kunnen doen wat we geleerd hebben, inclusief gewoon over verhalen, theorieën, verschijnselen en gebeurtenissen kunnen denken en spreken zoals we geleerd hebben. We zijn gelukkig als we onze levensenergie kunnen laten stromen en als we dat kunnen doen in de vormen die onze persoon kenmerken, door het verrichten van die bezigheden die we geleerd hebben. Onze persoonlijkheid blijft in stand door de bekrachtiging af en toe door anderen. Af en toe moet iemand aan wat we doen enig belang hechten, er enige aandacht aan besteden. Zelfs afkeuring is een uiting van aandacht en belang.

Het is een gigantische opgave om aan die miljoenen verschillende persoonlijkheden een bij hen passende, hen gelukkig makende, want lustbeleven bevorderende omgeving van omstanders te geven. Een sociale, dat is: van omstanders gemaakte, uit omstanders die met hen omgaan samen gestelde, omgeving, een sociale omgeving die hen aanvaardt, ja hen benut, hen niet slechts aandacht geeft en (hen afwisselend negatief en positief beoordelend) belang in hen stelt.

Onze persoonlijkheid is een maaksel. De bijdrage aan dat maaksel van onze opvoeders en leraren en van de anonieme "maatschappelijke krachten" is zo groot, dat het niet eerlijk is wanneer 'men' ons alleen laat met het probleem van het vinden van een sociale omgeving waarin wij persoonlijk passen, waarin wij persoonlijk onszelf kunnen zijn. Dat alleen laten is niet eerlijk.

Ook nu dat oneerlijke alleen laten met dat probleem plaatsvindt, gaat het streven van ieder van ons naar zich uiten door. Ieder van ons zoekt ruimte en gelegenheid om persoonlijk zichzelf te zijn. In dat streven worden 'zetten' gedaan, het streven verloopt zoals een schaakspel: voorafgaande zetten bepalen de stand en gang van zaken nu. Van opleidingen die men miste, niet afmaakte, schulden die men maakte, huwelijken die men aanging, kinderen die men "kreeg", beroepen waarin men mislukte, zaken waarin men vastliep, faillissementen enz. enz., van al zulke dingen is, zulke zetten en zulke pech, is er geen 'zonder schade terug' mogelijk.

Weinigen komen door geluk (kans, fortuin) gecombineerd met goede zetten (door tijdig zien en benutten van gelegenheden) terecht op plaatsen waar ze met hun hele persoonlijkheid passen en een positief gewaardeerde bron van ervaringen voor hun naasten zijn.

Weinigen komen zo terecht dat de mensen om hen heen door hen zo gehinderd, lastig gevallen en gefrustreerd worden, dat zij het opbrengen om hen via psychiatrie en/of justitie weg te werken uit hun omgeving.

Het overgrote merendeel der mensen is gedeeltelijk een vloek en gedeeltelijk een zegen voor hun omgeving. Dit overgrote merendeel der mensen zit dus niet maximaal goed. Dat is altijd gedeeltelijk hun eigen schuld, het is door hun eigen zetten mede veroorzaakt, het is hen niet 100% door anderen en/of door het toeval aangedaan. Ook reageren zeer weinigen echt volstrekt intelligent op hun situatie. Er wordt weinig aandacht besteed aan het doordenken van de eigen en andermans sociale situatie. Zelden vindt men bij het streven naar geluk (the pursuit of happiness) de inzet van alle beschikbare (eigen en van deskundige anderen erbij te halen) intelligentie.

De anonieme maatschappelijke aanbeveling er op te letten dat je bij het streven naar geluk de anderen niet hindert, is wel erg goedkoop.

Als de staat, de gezamenlijkheid der anderen, zich gedurende 10 volle jaren al scholend met elke enkeling bezig houdt, neemt het volk daardoor enige verantwoordelijkheid op zich voor het zo-zijn van de persoonlijkheid der ingezetenen, der staatsburgers. Uit die verantwoordelijkheid volgt verantwoordelijkheid om te voorzien in (te helpen bij het tot stand brengen van) persoonlijkheidscombinaties (sociale omgevingen). De anderen zijn medeverantwoordelijk voor het vinden van gelegenheden voor en door de enkeling tot in aanraking komen met geluk en lust opleverende situaties inclusief anderen.

Zo min als het juist is om op technische scholen kinderen op te leiden voor beroepen die niet (meer) bestaan, zo min is het juist om kinderen op scholen een persoonlijkheid te laten vormen waarvoor geen deze positief waarderende, want constructief incorporerende sociale omgeving te vinden of te maken zal zijn.

Persoonlijkheidsvorming (verkorsting, vast komen te zitten in gewoonten en waarden) is al of niet te voorkomen. De persoonlijkheid ontstaat niet anders dan als een afscheiding van inwerkingen van en reacties op de omgeving. De sociale omgeving is medeverantwoordelijk voor wat er aan persoonlijkheden rond de anderen als individuen ontstond en ontstaat.

De algemene, naamloze mening 'leert', stelt: dat die persoonlijkheidsschil star moet zijn en in z'n geheel en levenslang moet worden gebruikt om er de levensenergie door te laten stromen. Men voelt geluk (happiness) en lust, als men (het eigen biologisch functioneren beogend) bezig is. Je kunt alleen maar bezig zijn op manieren die je geleerd hebt. Als die manieren je werden onderwezen, leerde je niet tegelijkertijd enkele andere manieren er naast, ter keuze, later. En als dan later blijkt dat de anderen om je heen jouw bezigheden afkeuren of er geen gebruik voor hebben, ze niet constructief laten zijn voor de maatschappij, de samenleving, die zij vormen, wat dan?

Dan moeten die anderen van gedrag veranderen of jij moet bij die anderen vandaan gaan naar derden, die wel jouw persoonlijke uitingen gebruiken om er hun samenleving van te construeren, zodat die samenleving van hen ook jouw samenleving wordt.

Wat nu als anderen jou als individu wel welkom heten, maar jou als persoon niet? Als dat erg duidelijk gedaan wordt, is het waarschijnlijk het best te verteren. Naarmate het vollediger gedaan wordt en ingrijpender, is het waarschijnlijk het minst pijnlijk. Er ontstaat dan tenminste geen verwarring. De gedachte dat het oude 'het schema' was, is voorbij. Het oude gedragsdeterminantenpakket was o.k., maar het paste daar, niet hier. Ik heb het als veel moeilijker ervaren te merken dat er geen ander keuringscriterium voor juist en onjuist gedrag is, naast het oordeel van de omstanders, die zelf ook met toevalsproducten als persoonlijkheden bezig zijn. Dat maken van de sporen van het verleden van de omstanders tot criterium voor juist en onjuist van eigen gedrag, kan in de context van een zogenaamd instrumentele situatie als een baan in de maatschappij niet als juist worden verdedigd.

0 Reacties

Plaats Een Reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *