Jaap Schot, 12 november 2003
1. De kaki in de tuin.
2. Muziek als een ingang van het txaenzriool waarmee de overbevolking/ onderbeschaving wordt ‘opgelost’.
3. De domme hoogleraar, die niet meldt dat hij slechts bestudeert, wat de andere deelnemers aan de emotiefabricage in de televisiestudio gebruiken als onderzoeksgereedschap, als denkgereedschap, als meldgereedschap, als waarschuwgereedschap en als communicatiegereedschap.
4. Emoties zijn evenzovele andere ingangen van dat txaenzriool.
5. De computer die een concordantie aanmaakt herinnert zich die (= heeft die toegankelijk) op een andere wijze dan ik. [Ik heb wat in mijn geheugen zit niet ‘achter mij bekende knoppen toegankelijk. “Je hoeft maar over XYZ te beginnen en je krijgt het hele verhaal, als je dat wilt aanhoren” zeggen van die lui die bij anderen zo’n knop wel kennen/ weten te zitten.]
6. Verhalen zijn er voor a:b = c:d: in duidelijke bewoordingen: om te wijzen naar de relaties binnen de werkelijkheid ergens, die het onderwerp is, relaties die daar geen naam hebben óf niet genoemd mogen worden. De gelijkenissen ‘van Jezus’ en de fabels van La Fontaine en de sprookjes van H.C. Andersen zijn klassieke voorbeelden, naast Arthur Miller's toneelstuk over de heksenvervolging in Salem geschreven ten tijde van de McCarthy-waanzin.
7. Enzovoorts
0 Reacties