A>b:
B>type toev1.txt
..nacht van 11 op 12 oktober 1993
Die meneer Job zoekt niet naar de dader achter wat hem overkomt,
die meent hij te kennen in zijn God, dat is Degene die hem, Job
dus, bedoelt, betekenis geeft, zijn (Job z'n) leven zin geeft.
Job zoekt naar de bedoeling met wat hem overkomt. De bedoeling
van zijn god? Het verhaal zegt dat er minstens een ander ook bij
betrokken is: de duivel. Maar dat is maar een verhaal.
De moderne, wetenschap-mogelijk-vooronderstellende mens zal er
niet twijfelen aan twijfelen dat alles wat Job overkomt
veroorzaakt is. Deze moderne mens weet echter dat de oorzaken in
kwestie onkenbaar zijn. Het weer, de ziekten (epidemieen, plagen
van deze of gene organismen die ziekten verwekken dus) en die
plagen die de overmaat van soortgenoten betreffen: oorlogen
genaamd, zijn alle veroorzaakt, maar die oorzaken bevinden zich
in massa's die slechts met een chaos-theorie te benaderen zijn,
niet met oorzaak-gevolgschema's uit de grove mechanica, van de
biljarttafel dus bijvoorbeeld.
Het gaat om drie vragen:
- wie levert mij dit?
- met welk doel overkomt mij dit, doet hij mij dit aan
- wat zijn de oorzaken van wat me overkomt (en daaraan vast: kan
ik die oorzaken beinvloeden, voor zover die nog in het heden
doorwerken?
Zodra, zolang en inzoverre ik zelf veroorzaak wat mij treft ben
ik niet machteloos, tenzij ik onvrij ben in het invoeren van deze
oorzaak: ik moet ademen, ook al is de lucht giftig. In dit geval
valt te denken aan het kind dat desgevraagd verklaarde: "Kanker
krijg je van eten".
Die oorzaken die daden van anderen zijn, handelingen, die ze ook
kunnen nalaten, vormen een probleem. Er is geen enkele reden om
aan te nemen dat ze mijn schade zullen opvatten als een
beweegreden om op te houden met deze te veroorzaken.
Het zich denken van zichzelf en anderen als 'subjecten', als
aanspreekbare wezens, met een vrije wil, in staat na te laten wat
ze doen, is een zelfde fantasie als het zich denken van een God
die jouw bestaan bedoelt, voor Wie dat bestaan betekenis heeft
(zoals een woord dat heeft voor wie een taal spreken).
Die anderen als subject bestaan niet, die anderen zijn DINGEN.
Het zijn in je weg liggende stenen die kunnen praten en je ervan
proberen te weerhouden hen uit je weg te ruimen. Het zijn
hinderpalen, dwarsbomen. Wie verstandig is, ziet dit in en laat
twee pogingen na:
a/ alle stenen uit zijn weg te ruimen en
b/ van het toespreken van deze bijzondere steensoort effect te
verwachten. Dat aanspreken moet altijd geprobeerd worden, maar
wie in het geval dat de regel is, namelijk hetgeval dat dat
aanspreken niet werkt, teleurgesteld is, heeft zelf een
verwachtfout gemaakt. Dingen reageren niet op aangesproken-
worden. De geciviliseerde mens (en van een andere soort moeten
we er geen verwachten ooit hier nu tegen te komen) is de
andere mens een ding.
Mensen als hinderpaal uit je weg ruimen doe je door er txaenz
(dus geld) tegenaan te gooien. Geld is spierkracht die in een
vorm is gebracht, waarin de bezitter haar in de civilisatie
vrijelijk, ongehinderd, mag gebruiken. Zonder deze eerst in
geld om te vormen is spierkracht in de civilisatie niet
ongehinderd te gebruiken, men is alom tegen 'het recht van de
sterkste'. Iedereen heeft echter zijn prijs. Ook recht heeft zijn
prijs en als de rechter (justitie) goedkoper de nodige kracht van
de sterke arm levert dan de in weg zittende ander zich prijst,
dan koopt de wereldwijze recht. Wie de ander niet opzij kan
kopen, wil meer dan hij kan betalen en zal zijn weg moeten
verleggen. Daarbij wel bedenkend dat er geen enkele reden is
enige wet, regel, fatsoensnorm, morele of ethische regel tegen
zichzelf te gebruiken. Alle regels zijn er alleen om tegen de
ander die jou hindert uit te proberen.
Zo zit de wereld in elkaar, niet anders. Geloof dit niet, geloof
nooit iets: kijk, bestudeer, doordenk.
Succes is het voordeel dat iedereen bereikt zodra, zolang en
inzoverre hij deze kennis van de opbouw (=structuur, werkende
orde) van de wereld toepast.
Dat ook anderen voordeligs overkomt is geen succes, maar geluk,
de zegen van Vrouwe Fortuna.
Die regel dat hetgeen gebeurt slechts als chaos begrepen kan
worden, zoals het weer in de natuur, geldt ook voor het
wereldgebeuren, het gebeuren in de mensenwereld waarvan de natuur
'het milieu' is. Alles wat daar gebeurt is gedaan, veroorzaakt
door het handelen van mensen, maar het is vrijwel volledig
onbedoeld, onvoorzien, ongezien ook, heel veel blijft
onopgemerkt, niet slechts door de daders, de veroorzakers, maar
ook door de getroffenen. [Hoeveel aan mee-roken gestorvenen
zullen zich als vermoord gezien hebben? Ook de offers die
geslacht worden tot eer van onze afgoden zoals 'de
(auto)mobiliteit van de vrije burgers, denken, zo al, zich
verongelukt.]
Het staat de mensen niet aan dit tot zich door te laten dringen.
Vandaar dat bezigheden als streven, je best doen, bidden en
politici stemmen verkoopbaar zijn. Zoals systemen om roulette mee
te spelen gewenst, gezocht en verkoopbaar zijn.
Het zich bewust maken dat hij totaal overgeleverd is aan natuur
en wereld die totaal niet op hem gericht, met hem bezig zijn
en/of voor of door hem beinvloedbaar zijn, dat wil menigeen niet.
Toch is dit het centrale feit.
Dit feit is even verlossend als het doemend is.
Het is toch een meelijwekkend gezicht al die mensen te zien
proberen het toeval te beinvloeden. Met bovenstaande kennis van
de wereld kunnen ze zich beperken tot het zich verplaatsend (in
tegenstelling tot zich bindend aan wat of wie dan ook) leven, dat
is zwerven van de ene gelegenheid naar de andere. Niemand heeft
het recht je gevangen te houden. Niemand heeft de macht je
zekerheid in de toekomst te garanderen: alle beloften en
verzekeringen zijn holle frasen. Jammer misschien, maar waar.=/=
0 Reacties