Mijn kijk op ‘wat is’

Categorieën: 2000, 1 januari – 2004, 31 december | Archief

Trefwoorden:

Jaap Schot, 9 november 2000

Niet napraten (citeren), niet doorvertellen, niet telkens weer vertellen wat was / gebeurde / gedaan werd, herinneren, herkauwen, niet meepraten (geen 'je' en 'zo zijn / doen / denken we toch immers allemaal' en 'wetten en regels hebben we samen afgesproken'), niet doorpraten als je niks meer te melden hebt.
'[Het zijnde / het gebeurende]' is groter dan '[het voor mij met mijn zintuigen kenbare]' en dat is weer groter dan '[het ooit, c.q. nu door mij gekende: wat ik opmerkte, waar ik aandacht aan besteedde]' en dat is weer groter dan '[hetgeen ik ooit meldde, noteerde, bekend maakte]'.
Het na aftrek resterende verschil tussen '[Het zijnde / gebeurende]' en '[Het voor mij met mijn zintuigen kenbare]' zal, naar ik verwacht niet (en wel nergens) samenvallen met '[Het reeds als verzinsels, illusies en fantasieën vertelde, zogenaamd geopenbaarde, 'geziene', spirituele, gevoelde, intuïtief gevatte]'.
Als er voor een verzinsel (bijvoorbeeld een IETS) geleefd en/of gestorven wordt, dan gaat dat daardoor nog niet bestaan. Een bedding is geen rivier. Een rivier is een hoeveelheid stromend water. Een bedding is leeg en droog. Een IETS is een bedding voor txaenz, geen bron daarvan.
IETSen worden gebruikt door mensen die door gewapende andere mensen met gezag bekleed worden. Die mensen die door die gewapende bedreigd worden met mishandeling als ze die met gezag beklede niet gehoorzamen, nemen niet zelden dat 'als gezaghebbend opvatten' over van die gewapenden. Dat overnemen stelt hen in staat dat dreigen en die wapens over het hoofd te zien, dat en deze op te vatten als gericht op weinigen, met name op slechte mensen, op ongehoorzamen en op overtreders [wie zich absoluut en/of de wetten (bevelen van die gezagsdrager) overtredend of misachtend misdragen].

Dit 'zich schikken' is geheel gevat (= te zeggen, te bespreken, te begrijpen) in Oudtaal. Het is uiterst moeilijk Oudtaal te gebruiken (te kennen) en dat 'zich schikken' op te merken, want: dat spreekt via die oudtaal vanzelf. Er zijn namen van goden, woorden voor verzinsels, zoals koningschap, geesten, zielen, vaderlanden, eeuwig leven, reïncarnatie, geschiedenis, en voor alle mogelijke en onmogelijke gevoelens en emoties en rechten en plichten en schuld en straf en voorrecht en genade en voorkeur. Die namen alleen doen niets, maar die onmetelijke hoeveelheid ermee aangemaakte en nu nog klinkende en gepubliceerde tekst om ieder van ons heen wel. En meer nog doet Oudtaal, aan het werk in het eigen brein.

Wie er nog niet zijn, vatten wat uit hun eigen tekstaanmaker komt op als 'eigen', ze vallen er 'voor hun gevoelen' mee samen. Je tekstaanmaker heeft geen eigengemaakte, zelf geijkte, op verzinsels onderzocht en ervan gezuiverde verzameling begrippen / termen / idioom in gebruik. Door je eigen brein heen is de Oudtaal te horen, met haar vanzelfsprekendheden. Gisteravond in alle ernst in een volstrekt niet religieuze uitzending stelde iemand: de grondwet (van de USA) is heilig. 'Heilig' is een typisch Oudspraak-woord. 'Voor heilig houden' wordt anno 2000 gewoon door mensen 'van hoog tot laag' (vanzelfsprekende uitdrukking in Oudspraak) gedaan. Dan zijn ze dus spiritueel / religieus bezig. Let wel: in de politiek, bij zogenaamde scheiding tussen Kerk en Staat, in een zogenaamd seculiere samenleving.

Dit opstel gaat niet over politiek en dus niet over de wenselijkheid daarvan, maar over het 'langs binnen bestuurd worden via wat je, van je eigen (Oudspraak gebruikende) brein 'te horen krijgt' met je geestesoor of al gezegd hebt voor je het apart eerst binnen hoorde.

Het kan zeer wel zijn dat je niet spreekt in oudspraak, over deze dingen, maar dan 'denk' je toch in ouddenk: je vind het vanzelfsprekend dat er met wat ooit lieden in vroeger eeuwen opschreven als wet rekening gehouden moet worden, dat je er je gedrag door moet laten bepalen, vormen, afhangen qua wel of niet doen.
Het gaat in dit opstel niet over politiek, dat is alleen maar een voorbeeld: het gaat om het feit dat er Oudspraak is en dat die Oudspraak net zo min alleen maar uit woorden bestaat als Nieuwspraak. Het gaat om taal, dat wil zeggen om wat niet slechts het spreken, maar juist ook het denken en 'het vermoeden van wat 'eigen is'' bepaalt.

Je wordt gedacht.
De televisie is geen verrekijker.
Nieuws heb je slechts gehoord.
Die drie dingen moet je weten, niet slechts kennen, Kennen doe je ze al, dat (kennen) is namelijk onvermijdelijk, doordat het je raakt.
Hoe kom je tot weten, tot bewustzijn ervan?
Door het zelf te zeggen, beter: uit te schrijven, zeg maar: dagboeksgewijs. De voorbeelden die je opmerkte noterend.
Dat geeft je geen enkele extra greep op of invloed in het gebeuren buiten je. Het is niks voor activisten, want die zijn alloplastisch: ze willen dat (c.q. die) daar buiten hen veranderen. Dat kun je beter maar meteen vergeten. Je voelt je apart, [in Startrek-termen: 'als een solid' in tegenstelling tot vloeistoffelijk samen, dus één met alle anderen], maar in feite suggereert de taal Oudspraak zowel als Nieuwspraak, dat er een 'samen' bestaat, dat dat woord naar iets verwijst, ergens de naam van is. Iedere IETSnaam bijvoorbeeld, van 'onze relatie' tot en met 'het leven op aarde' suggereert een betekenis van het woord / begrip 'samen'. En dan maken ze er gewoon een gevoel bij aan: het saamhorigheidsgevoel. Dan is dát er tenminste.
Nee, er zit niet nog weer eens iets of iemand àchter die taal (een tijdgeest of zo). Ook dat is weer zo'n ingebouwde suggestie. Je wil niks, het woord-begrip 'willen' werkt in je brein en maakt tekst aan met 'willen' er in en in veel mensen SCHIJNT er een gevoelaanmaker te zijn geïnstalleerd. [Weer Startrek: bij Data, een robot, was die niet geïnstalleerd, zijn constructeur had die pas voor Data zijn jongere broer beschikbaar en ingebouwd. Je ziet dan in die hele serie propaganda voor dat gevoel en op den duur wordt Data er zelf onzeker van.]

Mijn hele 'filosofie', mijn manier van over dingen denken, komt helemaal hier op neer: dat afstand nemen van die tekstaanmaker in mijn brein: die kan ook niet beter dan werken met de gevonden woord-begrip- combinaties. Maar dan is wat ik zeg of 'denk' ('stilhoor', zoals dat ook bij stillezen gebeurt) ook 'vreemd', dat is: van buiten afkomstig, ten aanzien van mij als genencombinatie, als natuurlijke mens: toevallig.

Mij ontbreekt volledig elk gevoel van 'thuis-zijn', waar dan ook in de ruimte, waar dan ook in de tijd. En 'bij wie dan ook'. Het is er niet van gekomen. De taal van 'mijn' tijd is dan ook niet van mij, omdat dat eerste 'mijn', bij 'mijn' tijd, niks betekent. Het is toevallig mijn tijd. Het is toevallig mijn apperceptieve massa, geheel van sporen van wat mij overkwam en werd aangedaan en inviel.

Mijn toevallige omgeving, waar ik in geworpen werd, bleek een gevangenis met een 'democratisch' regime. En op dat regime zijn ze onmetelijk trots. Bij nader toezien is er alleen nog sprake van vrijheid, zijn allen vee: gevangenen met elkaar als cipier. Er is geen wilde natuur meer om in 'in het wild' te leven, als dier. Maar het is ook onzin om deze omstandigheden niet gewoon te aanvaarden zoals we dat ook het grote bos hadden moeten doen, waren wij elders en/of eerder of later geworpen.

Hier zijn we dus. Er is niets aan de hand. Iedereen (mens, dier, plant) leeft voor zich, met de broedzorg en het samenleven als uitzonderingen. Binnen noch met het geheel is er enig doel te ontdekken. De mens wordt zinloos geboren, later moet hij toch weer dood.

Het zou voor mij prettiger zijn als ik gesprekspartners had, die ook in de gaten hadden dat er NIETS aan de gang is. In feite blijkt vrijwel iedereen ergens een futiel klein iets als 'wèl zinnig' te hebben opgevat en gekozen en daar leven ze dan mee: wat voor een kind een 'knuffel' (een zacht namaakbeest) is.

De meeste mensen hebben een onschuldige knuffel, er zijn er maar heel weinig die met de IETSen spelen, bijvoorbeeld met de nationale staten. Maar de omgeving van diegenen die daarin 'leger en politie' zijn, de gewapenden, die het werken voor de kost afdwingen en de andere IETSen aanvallen, indien daartoe bevel komt, van die spelers ('politici' genoemd), die menselijk omgeving, waarmee ze direct en via de media in verbinding staan, als de 'open systemen' die ze zijn, die omgeving voorkomt die ellende niet, die 'economische concurrentie-strijd' en die oorlogen.

Net als de wilde dieren vatten de mensen die die omgeving vormen, het gebeuren in hun ecosysteem op als 'niet hun zorg'. Ik doe dat ook. Alleen praat (nu ja, 'denk' en schrijf) ik er anders over dan ik dat andere mensen wel eens in de media hoor doen. Buiten de media hoor ik niks hierover.

Enige jaren terug heb ik vaak gedacht: ze, de anderen, hebben het allemaal, zonder woorden, veel eerder door gehad dan ik. Zij hebben met succes zich voorzien van genot en een netwerk van anderen, ik niet. Het is niet anders gegaan. Het zij zo.

Bij wat ik kan, maak ik geen gevoelens aan. Zonder tegenwind rustig fietsen op een stille weg, wat zal ik daar voor gevoel of gedachte bij aanmaken. Zodra en zolang de computer het doet, erger ik me niet aan het ding. Alles is o.k.: er is niets te vertellen, niets te melden. Mijn familie, vrienden, kennissen zitten op minimaal 300 kilometer afstand, ik kan zonder auto zijnd, niets voor ze doen, is ook niet nodig. Dat betekent wel dat ik niks te vragen, niks te melden en niks te bespreken heb. Als ik hulp nodig heb, moet ik naar de dokter, de notaris of wie dan ook. Niet naar mensen op 300 km afstand.

Verschijnselen waarbij mij geen tekst invalt, omdat ik er geen begrippenapparaat voor heb geleerd of gevonden, die verschijnselen zie ik niet echt, ze blijven onbewust, vanzelfsprekend, ongeweten, onbesproken, al zijn ze er (zie ik ze) voor de duizendste maal. Ze worden door mij wel of niet gehanteerd, ze worden over het hoofd gezien, niet-nagevraagd. Ze wekken al of niet emoties en gevoelens, waarbij in dat geval met een eenvoudige benoeming van het verschijnsel genoegen genomen wordt.
Ik heb buitengewoon veel vermeden, wetend dat ik er niet mee om zou weten te gaan. "En nergens zijn er plaatsen waar je die dingen kunt leren", zo is het altijd, levenslang, al, voor mijn gevoel.

 

 

 

0 Reacties

Plaats Een Reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Categorieën in Jaap’s teksten

Recente reacties