November 1996

Categorieën: 1996 | Dagboeken

Trefwoorden: DVG

DAGBOEK 01 NOVEMBER 1996
=============

IK KEN NIEMAND DIE ENIGE MACHT HEEFT ofwel enige functie bekleedt in de maatschappij. Dat is bijna vanzelfsprekend, maar het betekent wel dat ik alleen vanuit het resultaat van hun doen en vooral nalaten kan concluderen tot wat hen beweegt en onberoerd laat.
De grote vijand van het vrije denken en doen is de combinatie politiejustitie. Er zijn welwillende en zelfs weldenkende en weldadige mensen bezig in die combinatie 'politiejustitie'. Niemand zal er ook openlijk naar (hoeven te) streven deze alibi goeierds eruit te houden of te gooien. Evenmin is er een actie gaande om wie met een onwaar maatschappijbeeld leven er uit te weren. Hoe meer verwarring inwendig en hoe meer verschillende gezichten naar buiten zo'n organisatie heeft, hoe meer en luxer gelegenheid er is om ermee ten koste van de massa te leven.
Wie het tot iets (tot ietszijn) brengt deugt niet. Wie deugt schaadt daarmee alleen zijn eigen populariteit, carrière en bankrekening.
=================
'Deugen' is een moeilijk woord. Het is oud en dus onbruikbaar gemaakt. In elke 'cultuur' [in de betekenis van: kaleidoscopische verzameling gedragskeuzedeterminanten en dus in elk iemand die een KARAKTER heeft] is 'deugen': het in overeenstemming houden van gedrag en IDEAAL [ = 'plaat van hetgeen men wenst naast wat blijkt te zijn (c.q. te gebeuren ]. Onvoltooid tegenwoordige tijd, geen betrekking op 'wat was' en geen betrekking op 'wat zal' of 'wat zou, indien'.
==============
Keuren kan een mens slechts door het zijnde te vergelijken met iets wat niet is. Die andere bezigheid, waarbij beide vergeleken grootheden bestaan, heet 'vergelijkend rangschikken'. Als de nietbestaande vergeleken grootheid een maat is, dan wordt er gemeten, dat is geen keuren en geen rangschikken.
=============
Deugen komt neer op het kiezen van dit ene, deugdzame gedrag uit het vele mogelijke. Waar geen alternatieven zijn om uit te kiezen kan geen deugd optreden. Zowel de ['methodistisch religieuze, orthopractische] propaganda voor 'deugen' als de [liberalistisch commercialistisch consumentistische] propaganda voor 'soeverein vrij willen "als een vorst"' leiden de aandacht af van het nodige, naar dat waaruit gekozen kan worden: de vormen, resp. van voldoen aan het nodige en van het zich een herkenbaarheid ("identiteit") verschaffen door zich bij wijze van spreken en niets anders ! te uiten in de wijze van kiezen uit al het onnodige.
Eerst is er dat voorspelbare kiezen en dan is er pas de daar achter gedachte / geachte 'identiteit'. De omstanders praten het het kind aan dat het 'van X, Y of Z houdt', op basis van een eerste noodkeuze die het kind maakte en die het niet teleurstelde.
================
Langzaam maar zeker en vooral tegenwoordig al heel, heel vroeg krijgt elk kind een vast gedragspatroon aangeplakt, door de verwachtingen [en dat zijn eisen !] van de omstanders. Die willen dat het kind voorspelbaar, DUS: naar hun believen, bang, blij en boos te krijgen ( = te maken) is. Alle gewoonten en 'persoonlijke eigenschappen' zijn speelgoed van de omstanders, handvatten waarmee de aldus GEVORMDE wordt gehanteerd, gemanipuleerd, gebruikt, ja zelfs verbruikt.
=================
Enige tijd is inspirerend het 'vrijheidsverhaal' dat de enkeling zich tegen zijn zozijn, zijn persoonlijkheid, zijn met dit verwachtingspatroon en verachtingspatroon beplaktzijn kan verzetten en zich er van los kan maken. Verlaat je land (van herkomst) en je familie en al die anderen die je kennen en in gebruik hebben en zoek een land waar je opnieuw kunt beginnen, zonder verleden. Uiteindelijk kwam ik alleen te wonen en te leven. Ik ga met mensen om zonder aan hen gebonden en verbonden te zijn. In niemands macht, zonder over iemand macht te hebben. Ongehanteerd, zonder anderen te hanteren.
============
Het is hun wereld, niet de mijne. Het is hun werk elkaar in toom te houden, zodat ik niet word lastig gevallen door bedreigers en bedriegers. Zij spelen hun spel en ik ben zelfs geen geïnteresseerde toeschouwer. Ik heb er niets mee te maken, ze moeten hun speelgoed en hun gevechten binnen het strijdperk houden en op elkaar richten.
=============
In feite, in de practijk maken ze zich ook geen zorgen over mij, en terecht niet. Ik maak me ook geen zorgen over anderen. Wat mij overkomt, overkomt slechts mij, wat hen overkomt slechts hen. Wat de velen aan het doen zijn: VECHTEN OM VOORRECHTEN, daar deed en doe ik niet aan mee. Velen doen daar niet aan mee, van die niet meedoende velen worden velen echter wel gebruikt en verbruikt door de vechters. Het sociale klimaat is niet meer aandacht waard, want even onveranderbaar, als het gewone klimaat (waar het weer de momentane stand van is).
DAGBOEK 05 NOVEMBER 1996:

Gisteren onderzocht op schade in de slokdarm: alleen rode plekken, geen enkele aanwijzing voor kanker, dus daar ben ik nu weer niet meer ongerust over. Wat nu?
========
Eergisteren tweede artikel voor DVG opgestuurd: "Een context voor theologie en atheologie". Een sterk door het bijbelboek 'Prediker' beïnvloed opstel. Partijdigheid en trots op de topprestaties der mensen zijn evenzeer verdovings en stimuleringsmiddelen ["opium"] van het volk als het geloven in (het bestaan en actief zijn jegens de mensen van) goden en andere buitenaardsen dat is.
============
Het is me de moeite zeer waard om deze dingen uit te schrijven. Het zou goed zijn als het gesprek weer eens over het bestaande en niet over voorbeelden daarvan en/of over fantasieën (verzinsels, illusies) ging. De teksten die ik door radio en televisie verneem zijn achterlijk. In nooit eindigende rondjes draaien ze rond, al sprekend zowel als 'in de jaren bestaand. De propaganda van de civilisatie is dat ze lineair in plaats van circulair voortgaat. =========
Vanmiddag hoorde ik een uitzendinkje van de vrije gedachte waarin de vrijdenker van dienst verlangde naar meer partijdigheid, grotere duidelijkheid van de identiteit der gevechtseenheden in de civilisatie. Een pleidooi voor verschillend geüniformeerde elftallen op het grote voetbalveld.
========
Dat is allemaal zo achterlijk als de pest. Het doel van de vrijdenkers was ( volgens die man ): aan te tonen dat men netjes ["met normen en waarden behept"] kan zijn, zonder in enig god te geloven. Uit een of ander zwart gat of melkwegstelsel horen die vrijdenkers als nagalm van de grote klap van het begin kennelijk nog wat aanwijzingen en kriteria voor hun gedragskeuze. Nee hoor, als er geen goden zijn, dan zijn er daarvoor slechts instincten en als er slechts instincten zijn, dan dienen allen die met verkeerde instincten behept worden aangetroffen snel te worden gedood door wie aantreffen, "in naam van" oftewel ter bescherming van: de gezamenlijkheid van hun soortgenoten.
===========
Met woorden kan niemand worden veranderd. Als rem voor een fout instinct in hem iemand een doodsangst inboezemen is een foute methode: instincten komen uit de genen en gewoonten komen uit de ONUITWISBARE sporen die het verleden in de persoon van het individu in kwestie heeft gegrift. De verkeerde genen maken de betrokkene als spermadonor ongeschikt. De verkeerde gewoonten maken de betrokkene als opvoeder en om mee om te gaan ongeschikt.
===========
Een grotere gekte dan de zuinigheid met misbaksels (biologisch en maatschappelijk) dan hiertelande hedentendage wordt gepraktiseerd, is ondenkbaar. Zes miljard exemplaren van deze soort, waarvan men er zonder ze uit te zoeken miljoenen laat verhongeren en vermoorden, ononderbroken, steeds nieuwe massa's onschuldigen, men trekt geen geld uit en geen troepen om hen te beschermen. Zelfs de helft van de kosten die men hier voor seriemoordenaars en dergelijke misdadigers verbruikt, zouden daar ontelbaren kunnen redden. En zo verkeerd is hun huidskleur in mijn ogen niet dat "onze" misbaksels en verknipten vanzelfsprekend eerst geknuffeld en in leven gehouden moeten worden.
===========
Maar het is zelfs de vraag of dit gepubliceerd mag worden, dat je voor ontelbare nikkertjes kiest ten koste van de aangepaste vechters om voorrechten, die fysiek geweld jegens de niet topfiguren uitoefenen. [Zulk geweld uitoefenen tegen topfiguren, daar is onbegrensd geld tegen beschikbaar: zie de bestrijding van de RAF (Rote Armee Fraktion). Die RAFlieden waren onaangepasten, zij vochten niet om voorrechten binnen het systeem, zoals alle gewone misdadigers dat doen, die zich, rechtstreeks via het mishandelen van zwakkeren, vrouwen en kinderen of indirect via het stelen van spullen en/of geld MINDEREN AANSCHAFFEN, minderen zoals de bazen die zij bewonderen die ook hebben.]
===========
Gewoon partijdig bekvechtende atheïsten zijn als vrijdenkers ongevaarlijk. Wie partijdig wil zijn is aangepast, zo aangepast als wie minderen (en meerderen, bijvoorbeeld idolen en identificatiefiguren) wil hebben.
===========
Als ik gevoelens in plaats van tekst bij dat feit zou aanmaken, dan zou ik droef worden. Nu dus niet. Ook niet kwaad, alleen maar een beetje blij, dat ik het doorheb, dat het een en ander past in mijn kijk op de maatschappij, de civilisatie. Om je omgeving te kennen en er in en van te leven, daar heb je je verstand, je brein, je leervermogen en je spraakvermogen voor te gebruiken: NIET om iets aan je omgeving te veranderen, daar heb je je handen voor en het is duidelijk in te zien dat die er alleen zijn voor het kleine werk.
=============
Zonder God is SCHULD een produkt van juristen in dienst van machthebbers [= wie over geweren beschikken]. Dan is schuldig wie veroordeeld, onschuldig wie niet veroordeeld werd. Als God bestaat begint de schuld met het uitvoeren (nee, met het wensen) van het doen, de daad. Als God alwetend is en de enige rechter, dan is de greep van de anderen op de enkeling gelijk aan nul, de geldigheid van de goddelijke geboden en verboden restloos.
Wie dit tot zich door laat dringen, moet wel even goed doordenken voordat hij in het wilde weg god dood gaat verklaren.
==========
De topNazi's waren 'in de zin van de aanklacht' inderdaad niet schuldig. Ze hadden het hen toegeschrevene gedaan, maar doen maakt zonder god niet schuldig. Wie de oorlog wint kan de daden van de overwonnene verschillend van de eigen daden verklaren en de overwonnene met dat verschil als rede mishandelen ["straffen"], maar dat heeft met schuld geen verband. Er bestaat zonder god geen schuld: wat je kunt, dat mag je. Waar moet de sterkere [= de juristerij en de politie] haar recht om te straffen [mishandelen met een praatje erbij] vandaan halen, anders dan uit de lopen der geweren ? Als er geen god is, komt alle macht en alle recht en dus alle schuld uit de lopen der geweren. De ene mens met een geweer verzint de normen en waarden waaraan de andere mens zonder geweer zich moet houden. Dat is allang bekend. Al heeft het liberalisme gewonnen en viert het haar zege, dan nog is die constatering van de overwonnen sociale anarchisten niet onwaar geworden: die constatering kan iedereen nog hier nu dagelijks doen, desgewenst. Maar aan die wens ontbreekt het natuurlijk, want het is niet zo leuk om te weten dat je gewoon een gevangene bent, wiens 'vrij zijn af en toe en hier en daar', alleen voortkomt uit de slordigheid en luiheid der cipiers.
061196:
De gelovige is niet gek. Wie een gebod of verbod voor geldig houdt, kan niet nalaten het voor allen en iedereen geldig te houden of voor zichzelf ook ongeldig. Er is namelijk geen tegelijkertijd en in dezelfde omstandigheden bestaan mogelijk van 'verdraagzaamheid' en 'waarden hebben'. Het verbod een bepaald iets te doen kan niet slechts gelden voor wie dat verbod in zich voelen, want dan valt voor iedereen de reden weg dat in zich te voelen. Alle mensen zijn wat dat betreft voor de wetten en voor alle geldige waarden en normen gelijk. 'Gelden' is altijd: gelden voor allen, want de gelijkheid van allen gaat aan al het andere vooraf. Iedereen wordt vrij geboren, dat wil zeggen dat anderen geen voorrechten op hem als nieuwkomer rechtens kunnen laten gelden. De ongelijkheden tussen de vechtspelers om voorrechten kunnen niet rechtens de nieuwkomers aangaan, betreffen, bevoordelen, benadelen.
==========
Er is geen enkele verenigbaarheid tussen gerechtigheid enerzijds en verdraagzaamheid anderzijds. Niemand kan zich geldige normen en waarden uitkiezen of nieuwe verzinnen. Iedereen is machteloos aan die normen en waarden die gelden onderworpen of die normen en waarden gelden niet. Gelden = gelden voor allen. Gelden is volledig gelden, niet voor verschillende mensen in verschillende maten. Normen en waarden erkennen geen rangen en voorrechten, anders zijn ze niet aan het gelden, maar in gebruik als speelgoed bij de vechtenden om voorrechten, de spelers in de civilisatie, de rangschikkers.
===========
"Normen en waarden" worden door de gemakkelijk weg pratende gebruikers van die vaste combinatie van woorden niet duidelijk geplaatst binnen of buiten het gebied van het nodige. Binnen het vechtspel om voorrechten kan menigeen wel spelregels wensen, maar niemand die wil winnen zal zich er zonder dwang aan houden. De godgelovige schuwt de neiging tot en het doen van het vergrijp: zijn pakkans is 100%, God kent zijn werken en is niet plat te praten. De schuld van de dader begint bij zijn willen van het vergrijpen, het misdoen, het kwaad. De verdienste begint ook bij het wensen en pogen, niet pas bij het restloos slagen in het doen van het goede, het nalaten van het kwade.
============
Wat jij niet hoeft, hoef ik ook niet. Wat ik moet, moet jij ook [ceteris paribus]. Er zijn geen ongelijke normen voor deze en voor gene. Het beweren van het tegendeel ["Wat Jupiter mag, mag de os nog niet"] is een oorlogsverklaring aan allen die als os worden opgevat. Dat zo opvatten van iemand is in strijd met de rechten van de mens, waar wie zich met juichen troosten zo dol op zijn.
============
Er is moeilijk uit te komen. Zonder God is er alleen op het allerhoogste niveau van abstractie, namelijk met de volstrekt lege doostermen 'normen' en 'waarden' te werken. Zodra er enige vulling in die dozen wordt gedaan, loopt de zaak zichtbaar mis: wie het doden van deze concrete tijger afkeurt, keurt dat doden als gedrag van iedereen af. Er is geen verdraagzaamheid mogelijk jegens de een of andere lustmoordenaar van de Koninklijke Nederlandse Jagersvereniging in deze. Punt. Alles is 'te koop of als persoonlijkvoorrecht toegestaan' of niet. Niemand kan zich in concrete voorbeelden, bij operationeel definiëren van de gebruikte begrippen, redden in 'nietuitsluitende logica of in 'de verenigbaarheid van tegendelen' of in zogenaamd Oosterse schijnwaarheden. Alles wat niet van woorden is gemaakt onttrekt zich aan alle logica en consistentie. Er is geen overlap of verband tussen gelden en waarzijn.
=============
Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat de vrijdenkers zich bezig houden met verbalisme. Lekker twistend doorpraten met verzinsels en zonder enig verband met 'wat is', inclusief 'wat nodig is'. Het eindeloos misbruikte woord 'vrij'.
============
Abortus is moord. Punt. Er is geen moment geweest tussen mijn conceptie en nu waarop het doden van mij van karakter veranderd is. Als het nu moord is, was het dat vanaf het moment van mijn conceptie. Dat is de waarheid. Los van alle juristerij. Ook een kind dat door een verkrachter werd verwekt is voor de helft het kind van de vrouw in kwestie en aan de verkrachting absoluut geen deelnemer, laat staan de initiator, geweest. Een mensenkind heeft met zijn vader niets te maken. "De vrucht volgt de buik" zo stelden de vorsten [ > juristen ] in de middeleeuwen. Een hoog gegarandeerd inkomen is beter dan welke vader dan ook.
=========
Een kind is altijd maar voor de helft het kind van de moeder, de vader kan op haar relatie met het kind geen invloed hebben, zindelijk denkend. Zelfs als het genenmateriaal van de vader niet deugt en het kind daarom fout in elkaar zit, is het niet de vader, maar het genenmateriaal dat af te keuren is, ter zake.
========
Abortus provocatus toestaan komt neer op het handelingsbekwaam verklaren van 1. de sporen van het verleden en 2. de omstandigheden (van de vrouw in kwestie). De natuurlijke [ = biologisch nodige ] reactie op zwangerschap is niet: abortus wensen. We hebben dus te doen met een onnodige reactie, een reactie binnen het vechtspel, dat met die echte wapens gespeeld, nog steeds een spel is, onecht, buiten het echte te houden, weg te houden van waar het het nodige kan hinderen en verhinderen.
DAGBOEK 06 NOVEMBER 1996:
HOE, ZO IS DE VRAAG, KAN IK VERDER SCHRIJVEN IN DVG, NA DEZE TWEE ARTIKELEN.
=============
Wie schrijft dient te schrijven over een onderwerp en niet over een tekst over een onderwerp, tenzij die tekst weer het onderwerp is en wel als tekst, niet als bespreking.
Ik merk op dat de artikelen van anderen in DVG of meningen of uittreksels uit boeken zijn. Die beide dingen vervelen mij zeer.
==========
Zoals vroeger communisten de vrije publikatieruimte vulden, zo doen nu in het geval van DVG de atheïsten dat. De rooms gemaakten die van hun geloof af zouden willen, maar de verkeerde, te korte, weg van het botte ontkennen volgen en zich van munitie laten voorzien door lieden die de antichristelijke argumenten van kinderen en van het begin van deze eeuw inbrengen. Eindeloze herhaling. Ze komen geen millimeter verder.
==========
Ik heb nu niks te schrijven. Ik hou er dus mee op. 071196/00.30
DAGBOEK 8 NOVEMBER 1996 onder Wordstar
==============

De Universele verklaring van de rechten van de mens is gewoon een tekst. Net als die tien geboden wordt deze tekst door vele mensen hoog geacht, heilig verklaard. De mensen zonder god willen ook gezamenlijke regels en keuzecriteria voor gedrag.
===============
DAGBOEK 19/20 NOV. 1996 wordstar
==========

Het opvallendste is dat me niets invalt, want er stoort mij niets.
===========
De walging vanwege de democratie die is verworden tot het dictaat van de massa soevereine machtelozen. Het dictaat van de markt, dat is het dictaat van volgers, van de mode en van de eisen van hun omstanders, van elkaar dus. De merkkleding van de kinderen is het vervolg op de babymode waaraan de moeders meededen. Het dragen van merkkleding wordt dan gevolgd door het rijden van die auto, enz. Er verandert niets wezenlijks: iets dicteert het een of ander en de massa vermenigvuldigt dat bevel met zoveel miljoen door te gehoorzamen.
=========
Het is de fout van de veroordelaars dat ze naast de werkelijkheid een wensplaat houden; of er nu op die plaat het nodige met of zonder enige aanvulling staat of alleen het onnodige of alleen het nodige, alle verschillen van plaat en werkelijkheid zijn het onderwerp van keuring, want die berust op vergelijking en om te vergelijken is er naast het ene, dat waargenomen wordt, minstens een verzonnen 'iets anders' nodig.
============
Wat nog niet is, wat niet langer is, wat niet is en niet was en niet zijn zal, daarover is niet te denken, slechts te fantaseren. Dat maakt dat ook alle keuringsresultaten fantasie als ingrediënt hebben en wel: zonder die fantasie niet kunnen bestaan.
=======
Waartoe zich een oordeel vormen? Tegenover weer en tegenover sociaal klimaat staan wij als mensen (alleen en in vereniging, ja als gezamenlijkheid) totaal machteloos. Als het doen en nalaten der als plaag aanwezige mensen gevolgen heeft die merkbaar zijn, dan zijn die onbedoeld en toevallig. Koolstofdioxyde is zowel gasvormig levensmiddel voor planten als 'broeikasgas', beide gevolgen zijn onbedoeld door de vuren stokende mensen.
=========
Alles verloopt nu ik er ben net zoals het verlopen zou als ik er niet was, precies zo als ik streef als wanneer ik niet streef. Het gaat allemaal nergens over.
==============
Dat is waar. Dat kennen van die waarheid veroorzaakt echter een totaal stilvallen. 'Maatschappijtje' is een spelletje. Het echte economische leven is niet echter dan 'Monopoly'. Echt is het fysieke geweld naast het spel op de banken, aan de loketten, op de schijven van de computers, waar de bankrekeningen op staan en veranderen. Het bedrag op je bankrekening is een vreemde, maar als enige echt bruikbare notering van hoeveel je aan spullen uit de winkels [= uit het bezit van anderen] mag meenemen (en verbruiken).
===============
Zonder al die noteringen werd het fysieke geweld ononderbroken zichtbaar als dreiging. De bankrekeningen zijn als kamerschermen, waarachter wordt gedaan wat men aan het oog wil onttrekken, hoewel iedereen weet wat er gedaan wordt. Men laat elkaar dienen voor geld. Dat gaat niet ophouden, als je het mij vraagt; dat zal mijn tijd wel duren. En ik heb geen toekomst na mijn tijd. Ik heb dan ook geen wensen over mijn graf heen.
============
Gezien mijn omstandigheden heb ik ook geen wensen voor nu. Alleen mijn gezondheid laat wat te wensen over. Ik overbelast mijn maag, schijnbaar, blijkbaar.
============
Voor het overige is er door het bovengemelde inzicht een totale 'geestelijke' ( = mentale en psychische) windstilte in mij. Geen macht hebben, betekent: geen verantwoordelijkheid op je drukkend hebben.
===========
Die stilte vergelijken met de psychoprut waar de mensen het volgens de televisie over hebben en mee doen, levert weinig overeenkomsten meer op. In hun vechten om voorrechten en het zich aanschaffen van minderen leveren ze topprestaties, resp. negatieve (schade aan anderen en het andere waardoor zij omgeven worden) en positieve (kunstvaardigheden en verkenningen / waarnemingen). Zodra ze iets gevonden hebben wordt dat als wapen gebruikt (schoolvoorbeeld de atoombom en de atomaire industrie als wapen in de koude oorlog: ook wat niet toegepast had moeten worden, wordt ongeremd gebruikt, zonder op de kosten te letten).
==========
Ja, ze presteren oneindig veel meer dan ik: zij dienen de talenten uitzettende bankiergod, niet de schepper die hen het gebruiken, het benutten van hun talenten voor hun private leven laat. Hij hoeft van hen geen rente of zelfs maar teruggave. Dat armoedige gejakker van de exemplaren in de plaag is niet van Hem, hij schiep die plaag niet, ja laat die zelfs zichzelf beëindigen. Alle ziektekiemen en alle klimaatsveranderingen zijn op te vatten als krachten die tegen de mensenplaag in werken. De duur van de mensenplaag is zoals alle duur relatief, betrekkelijk lang, betrekkelijk kort.
============
In ieder geval op geen enkel mens rust de last van die plaag. De zonde der vaderen wordt oorzaak van het nadeel en de armoe der kinderen (schoolvoorbeeld: gevelde bossen komen niet zomaar terug). Ik woon zo dat ik niet vanuit mijn huis de zon kan zien opkomen en/of ondergaan. Ik kan de luchten niet zien. Dom bouwsel, dat huisje van mij. Zo zijn er heel veel dingen door wie voor mij leefden zo gemaakt en geregeld dat mijn omstandigheden verre van zo goed mogelijk (voor die kosten aan txaenz toen) zijn. Die omstandigheden zijn niet bedoeld; het door mij tot mijn voordeel benutbare niet en het benedenoptimale niet.
==============
Ik nam / neem op een bepaald moment genoegen met wat ik heb. Ik ben er zelfs zeer tevreden mee. Ja, ik kon meer gelegenheid om te functioneren hebben, vooral meer gelegenheid tot goed spreken met anderen. Mijn zozijn wordt (werd) als oorzaak van wat dan ook bij anderen uitgeschakeld, als gevolg van (welnee, niet als bedoeling met) mijn ontslag als docent aan de universiteit. Er is naar niemand vraag: dat is het centrale nadeel van het feit dat de mensen een plaag vormen. "Alle waarde is zeldzaamheidswaarde", wat in miljardenvoud aanwezig en beschikbaar is, daaraan verleent (hecht) niemand waarde.
===========
Dat maakt het dan mogelijk dat mensen in kleine groepen, ja zelfs in tweetallen elkaar dat levensbelang gaan suggereren resp. afpersen. Met klem wordt ontkend dat mensen onderling verwisselbaar zijn ten aanzien van alles wat mensen voor elkaar kunnen doen en betekenen. Als er dan iemand dood gaat, komt ineens het inzicht weer boven dat niemand onvervangbaar is en dat het leven door moet gaan en zal gaan. Zelfs over het graf heen willen ze dat dan vaak niet waar hebben en ze richten elkaar er op af met herinneringen te leven.
Dat is nou wat ik 'psychoprut' noem.
============
De echte liefde is geen uitsluitende, voorkeurgevende liefde. Er doet zich bij echte liefde geen voortrekken, favoriseren (= het rangschikken van anderen door wie favoriseert (← macht heeft)), ongelijkheid onder (tussen) anderen stichten, voor. Favoriseren is macht uitoefenen. De echte liefde rangschikt de anderen niet. Echte liefde is die eigenaardige neiging om zelfs je vijand uit het water te halen als hij dreigt te verdrinken. Echte liefde is de gewone rem op het schaden van soortgenoten. Ieder dier leeft uit 'er moeten altijd exemplaren van mijn soort zijn' en daardoor is het schaden en doden van een soortgenoot ongepast, dat doe je niet. Zoals je je ook niet voortplant als er al een plaag van je soort is. Het komt er niet op aan dat jouw genencombinatie half voortleeft in een ander individu, het gaat er om dat er steeds exemplaren van jouw soort zijn. Kinderen zijn kinderen, nooit: 'slechts andermans kinderen'. Elk kind heeft recht, natuurrecht in onderscheid van juristengenade, op bescherming vanwege (door) elke volwassene. Iedere andere mens is een verwante. Er is maar een enkele diersoort 'mens' (wat biologisch blijkt uit het feit dat mensen over alle rassen heen vruchtbare kinderen kunnen verwekken).
===============
Het bovenstaande wordt meestal verpakt in godsdienstpapier verkocht: het wordt uitgesproken in de inspirerende taal van het geloof.
==========
Het nadeel van de liberalistische democratistische wereldlijke manier om het bovenstaande uit te spreken is: dat het in die taal niet te zeggen is. Het grote, eerste en enige gebod van het liberalisme is dat de arme gediscrimineerd dient te worden, dat de rijke dient te worden bevoordeeld, dat iedere verkoop dient te worden gedaan aan de meestbiedende. Er moet altijd verkocht worden aan de meestbiedende. Dat is een andere manier om te zeggen: discrimineren moet en wel: op een enkele grond: de maatschappelijke RANG.
============
Alle emancipaties zijn flauwe kul want emanciperen is: mee mogen gaan doen volgens de bestaande regels. Zoals schaken in een computer kan, zo kan ook maatschappelijk gedrag in zoiets, dat is een manier om te zeggen dat er van de individuen die spelen niets natuurlijks, niets echts, in hun spelgedrag tot uiting kan komen. Dat zeggen ze elkaar ook voortdurend, ze roepen ononderbroken dat winststrevenpuur aan rijken en natuurvernietiging aan armen niet kwalijk genomen mag worden. Ze roepen dat , evenals het "heilig, heilig, heilig is de parlementaire representerende democratie", tegen beter weten in. Het zijn geloofsbelijdenissen van goddelozen. Zielig is dat: psychoprut. ======///\\\=====
nu volgt:lo261096.dgb

261096/dgb/brief aan louis.
========
Wat aan anderen is overkomen is voorbij. Ook wat mij / jou is overkomen is voorbij. De sporen in die anderen resp. in mij en in jou zijn er nog. Sporen in het menselijk geheugen kunnen actief worden, 'wakker geroepen worden' heet dat. Dat ligt buiten de macht, de beïnvloedingsmogelijkheid van de betrokkene zelf of het ligt daar binnen, in het laatste geval kan hij dat 'zelf oproepen' nalaten. Dat laatste geval is dus voor ons niet van belang. Wie met opzet aan het verleden gaat zitten denken, kwelt zichzelf. Dat is geen probleem.
=========
Dat 'wakker worden' van 'sporen van wat wat' in ons, buiten onze schuld en buiten ons toedoen, dat wakker worden daarvan dat ons overkomt (resp. wordt aangedaan), dat is een probleem.
Wat van buiten ons af veroorzaakt wordt dat is ofwel iemands daad (dan is er een schuldige dader, dat hij moge doodvallen) of er is geen dader, dan is er verder niets te wensen.
Daders zijn geen gedachten waard en wij zijn zelden in staat en tegelijkertijd in de gelegenheid om hen te vermoorden, wat de enige passende omgang is met lieden wier gedrag ons tegenstaat. Alle geleef en geonderhandel en gepraat met daders is zelfkwelling. Of de daad is niet het veroordelen waard of de dader is het doodslaan waard. Vandaar dat daders elkaar ook eindeloos beschermen: ze hebben het nodig. 80% van alle misselijke daden is recidive, de daders vormen een te verwaarlozen permillage van de bevolking, die toch al veel te talrijk is. De afwezigheid van al dat nodige doden is dus een geweldige misstand, DE bron van ongeluk.
===============
Gezien de onmogelijkheid, ook bij weggewerkt 'geweten', dus bij 'genezen' neurose (gehersenspoeldheid met leugens en tammakende verzonnen verhalen) van de juiste mate van (uit)moorden, kunnen we die gezonde benadering vergeten en ons afkeren van alle ALLOPLASTIEK [ = alle veranderen aan onze omgeving ]. Wij staan machteloos tegenover onze omgeving, laten we ophouden ons er tegenover op te stellen (exacter: te denken) en kijken of we er ook machteloos, exacter: krachteloos, buiten staat tot zelfbescherming IN staan.
========///\\\============
DAGBOEK 28 NOVEMBER 1996 wordstar
================

Juist het ongewoon benaderen van de een of andere stand en gang van zaken helpt. De Bono heet die man: lateraal denken.
Ik schrijf steeds weer hetzelfde over hetzelfde onderwerp: de gewone Nederlander zal niet zelden over dat onderwerp [vechtspelen om voorrechten] zeggen "Daar hou ik me niet mee bezig", wat niets anders betekent dan: als ik er al aan doe, dan zonder erg. Wie alleen maar fatsoenlijk en netjes wil leven is bezig te voorkomen uit de rangordening te vallen, wat iets anders is dan bezig zijn de een of andere rang te handhaven, wat weer iets anders is dan carrière maken of een andere vorm van zich opwerken, hoger op komen of hoe dat ook heten mag; dat echter is weer iets anders dan gekende anderen aan het opzij en naar beneden (onder zich) aan het werken zijn, wat niet het zelfde is als bezig zijn te streven naar het leiderschap over een georganiseerde, gestructureerde groep (of een nog te organiseren structureren en solidariseren verzameling, een massa) anderen.
===========
Die gewone Nederlands sprekende kan dus vaker gelijk dan ongelijk hebben als hij zegt aan het ergste, meest omvattende, gestreef naar heerschappij niet zelf te doen.
===========
Als de context anders is, wil de nogal vaak geboeide toeschouwer echter de glans van 'sportief' zijn graag op zich laten schijnen en doen alsof zijn trede op de ladder van betrokkenheid behoorlijk wat hoger is dan wie kijkt kan zien dat het geval is.
===========
Overal is het fanwezen waar te nemen. Er wordt wat afgepraat en geschreven over de grote jongens die bezig zijn met de grote dingen. Ook als persoon (in onderscheid van als functionaris, resp. als speler om voorrechten) worden die streverswinnaars tot onderwerp van belangstelling: "Privé".
===========
Ik kan dat belangstellen, bewonderen, toe-eigenen ("onze" koningin, "onze" captains of industry, enz. ) niet navoelen en niet meedoen, niet 'ook doen'.
==========
Ik kan ook niet meedenken over de problemen van de mensheid, bijvoorbeeld:
 hoe ze bezig te houden resp. te laten zijn, de jongeren en anderen die wij niet ons (en elkaar) kunnen laten dienen omdat we geen dienstvorm meer weten te verzinnen en zij zelf ook niet ?
===========
Wat ik vooral niet kan, dat is subproblemen mee doordenken, een bezigheid waarmee men in de media onafgebroken bezig is:
 bijvoorbeeld: hoe bekostigen wij het opleiden dat wij "onderwijs" noemen ?
==========
=========+++++++++++==============
291196:
======
nu volgt: herkendv.txt:
NOVEMBER 22 1996 / OVER HERKENNEN
=================

HERKENNEN is zo ongeveer de centrale bezigheid van wie omgaat met zijn omgeving (inclusief zijn omstanders, omwonenden). Om te kunnen herkennen is leren kennen voorwaardelijk, nodig. Als kind "wilde" ik dan ook alles leren kennen, alles verkennen, zonder onderscheid (in de betekenis van uitsluiting of voorkeur). Alles, niet allen, iedereen, integendeel. Leergierig of nieuwsgierig noemt men dat. 'Nieuw' in deze context betekent: nieuw voor deze verkenner ( = onderzoeker); het woord 'nieuw' betekent elders: actueel en 'voor het eerst verschijnend'. Voor het eerst verschijnend is elk verkennend kind. Het verschijnt voor het eerst bij het reeds bestaande verschijnsel.
============
De kindervraag "Wat is dat ?" is niet de vraag "Hoe noemen wij dat in onze taal ?" Op die laatste vraag krijgt het kind antwoord en zo leert het praten. Op die vraag "Wat is dat? " past het antwoord "Dat is daarvoor te gebruiken": om iets in te doen, om op te eten, om mee te rijden, om mee te vissen, enz. enz.. Dat zijn zeer leerzame antwoorden. Een voorbeeld van een nog weer ander antwoord op de vraag naar mededelingen, een verhaal, bij een verschijnsel is het verhaal over de betekenis van de regenboog: die boog is een teken van de belofte van God dat er niet weer een zondvloed komt. Dat verhaal is geen natuurkundige verklaring, het is, met andere woorden: niet het aan elkaar praten van zintuiglijk GEGEVEN verschijnselen. Aan dat 'aan elkaar praten' heeft het kind voorlopig nog geen behoefte en het is goed om ermee te wachten zolang als dat kan, want de eenmaal vertelde verhalen (in dit geval: paradigma's en theorieën) staan [het de nieuwe mensen invallen van] nieuwe verhalen in de weg. En als er die nieuwe verhalen iets in de weg moet staan dan: 'wat is' en niet 'wat over wat is aan ordenende verhalen eerder in omloop is gebracht en gehouden'.
============
Ik word gehouden in de situatie van een dierentuindier. Ik hoef [nu ja: mag en kan] niet zelf om (te) gaan met de natuur (met die dingen, spullen, wezens en verschijnselen) die gebruikt moeten worden om dat te nemen wat nodig is om te voorzien in wat ik nodig heb.
Doordat ik niet zelf (nemend en makend) MAG omgaan met die bronnen van wat ik nodig heb, kan ik, in dat omgaan niet DOEN WAT IK nodig MOET DOEN [bijvoorbeeld: mijn zintuigen en mijn bewegingsapparaat (mijn spieren) gebruiken en de belasting van mijn organen variëren].
Die bronnen zijn andermans eigendom en dat omgaan is andermans bevoegdheid (baan, taak, beroep, voorrecht).
===========
Ik kan niet volledig en harmonieus functioneren in het kopen, in het winkelcentrum. Algemeen gezegd: in het mij laten verzorgen. Als niet arme werkloze wordt ik voor wat betreft het nodige dat ik hebben moet, verzorgd zoals een koning vroeger. Alleen: ik heb geen staatszaken, want geen eigen koninkrijk. Nemen wij als voorbeeld van zo'n niet arme werkloze een jongere in het weekend. Als die niet in huis blijft en niet naar de georganiseerde gladiatorenspelen gaat en zich daar schor juicht, treft men hem niet zelden ongericht zoekend aan in zijn woonwijk. Daar treft hij leeftijdsgenoten / lotgenoten maar zelden de gelegenheid om iets goeds of constructiefs te doen. Ik verdeed die tijd in mijn tijd aan urenlange strandwandelingen met een vriend en wij praatten, ik weet absoluut niet meer waarover.
===========
Ik mag niet nemen en maken wat ik nodig heb en ik mag niet doen wat ik doen moet; ik mag, met andere woorden, niet zelf mijn txaenz voor en aan mijzelf besteden (inclusief investeren) door van binnen in mij komende, door mij zelf daar waargenomen (gekende) nodigheid gemotiveerd.
Dat niet mogen, dat verbod, is niet van woorden gemaakt, dat zou niet doeltreffend blijken. Het is een bedreiging gepaard aan fysieke barrières tegen wie zich door die bedreigingen ook niet laten weerhouden. Doordat aan het nodige meestal al is voldaan gaan vooral de jonge mensen als de Vandalen om met al die bezittingen van anderen die deze niet zwaar genoeg fysiek beschermen. Evenals die Barbaren weten ze niets met die dingen te beginnen. Ze kunnen ze alleen stuk maken en er mee slepen en gooien. Als ze bij toeval eens aan een bouw bezig zijn, dan maken ze er mede hun bouwsel van en mee. Wat de kinderen en jongeren missen is het bezig zijn aan een project [een zelfgekozen activiteit die gericht is op een van harte nagestreefd doel]. Het bouwen met die spullen die de jeugdige vandalen in het weekend vernielen is voorbehouden aan die mensen die 'in de bouw' werken. Die zijn er als enigen erkend constructief mee bezig. Maar die kinderen en jongeren moeten ook nodig doen, het geeft niet wat. Er is geen terechte plaats voor kinderarbeid (dat is: voor het dienen door kinderen voor geld), maar kinderen hebben de gelegenheid nodig om op eigen doel gericht actief te zijn en dat erkend door de ouderen, niet slechts door hun leeftijdsgenoten. Het is zo intens dom van de ouderen om dit aangrijpingspunt voor opvoeding ongebruikt te laten en de leeftijdsgenoten elkaar tot tuig te laten vormen.
============
Een dierentuindier wordt gedwongen tot het leiden van het leven van een parasiet (en dat is voor elke nietparasiet: lijden daaraan). Een parasietenleven, dat wil zeggen: een manier om zijn txaenz te besteden, zoals past bij, optimaal levenslust oplevert aan: een parasiet. Elk dier dat geen parasiet is, MOET meer doen dan een parasiet. Het moet dat, het is voor hem nodig. Als je kunt, dan moet je, en als je moet dan wil je wel. Dat geldt bij alle lichamelijke functioneren, van alle organen.
De tijger moet lopen. Hij moet dat omdat hij het kan, zoals de arend moet vliegen omdat hij dat kan (leren) [ = daartoe die vleugels heeft] en zoals zij zal ook de mens moeten doen wat hij (in dit geval met zijn brein, inclusief handen en zintuigen en spierstelsel) kan: 1. leren (= onafscheidelijk van kennen) en 2. herkennen en 3. zich de vermelde en/of zelf ontdekte betekenis van het herkende herinneren en 4. passend reageren.
==========
De mensen hiertelande, hedentendage, U en ik, wij worden er van jongs af tot aan onze dood van weerhouden volop te functioneren, volledig en op onze tijd te doen wat we kunnen DUS MOETEN.
OH, LET OP: er is dat verhaal van de vrije mens, die niet MOET wat hij heeft aangeleerd (als passende reactie). Ja, dat is een goed verhaal. Het slaat op het aangeleerde, het in het geheugen door toeval en toevallige omstanders (opvoeders) gegrifte: de software. Het slaat NIET op wat van nature moet: volledig en harmonieus functioneren als het dier dat je bent.
Vrij is wie zelf kan doen wat hij (van nature oftewel van binnenuit nodig) doen moet. Vrij zijn betreft dat nodige waarbij moeten gelijk is aan willen. Wat ik hier nodig noem dat is vrij van elke aan tijd of cultuur gebonden vorm. Eten moet, aardappels eten moet niet, hoe goed het ook is als oplossing voor een deel van het probleem 'wat eten we vandaag?'. Niet slechts wat een mens eet maakt hem niet tot mens of erger nog: tot meer mens; ook wat iemand denkt is slechts een vulling voor waar het om gaat: dat hij denkt, dat zijn brein functioneert. Dat hij vliegt is voor de arend leven, niet waar hij vliegt.
Zo is het wel duidelijk.
Elk verhinderen om volop, volledig, harmonieus te functioneren is gelijk aan gevangen houden. Ieder dwingen tot deze of gene verwaarlozing of perfectionering of vormgeving van enige functie is : SLAVERNIJ.
ZOALS WIJ HIER LEVEN, DAT IS WEDERZIJDS ELKAAR ALS SLAAF HOUDEN. Geld verdienen is dienen voor geld. Werkgelegenheid is gelegenheid tot een ander dienen voor geld. Die ander geeft de opdracht, de bestelling, het bevel, hij is de klant, de koning, de gebieder. En iedere werknemer is aan het gehoorzamen en weet dat en verzet zich en/of stelt zich door hoge beloning met veel voorrechten schadeloos, wreekt zich op zijn beurt als klant aan zijn leveranciers, als baas aan zijn ondergeschikten en uiteindelijk wordt de hond van de onderste mens geschopt.
=========
ONZE SAMENLEVING IS EEN SLAVENHOUDERSMAATSCHAPPIJ.
Slavenmaatschappij  geen slavenmaatschappij, dat is niet een kwestie van een juristisch regeltje ten aanzien van bezitsrelaties tussen natuurlijke personen (met eigennamen). Slavernij  geen slavernij dat gaat over het initiatief tot en de beweegredenen voor het gedrag der ingezetenen / betrokkenen. Wie handelt op buitenbesturing door een ander die wil, die is, zodra, zolang en inzoverre hij dat doet als slaaf bezig; wie als slaaf bezig is, is slaaf. Dat zijn we dus allemaal hier, nu, in deeltijd en in zekere, dus beperkte mate.
=========
MOGEN, NIET MOGEN EN MOETEN (van een ander), dat zijn de categorieën die ieder kind heel vroeg leert. Soms bij moderne ouders, niet meer thuis, maar dan wel van de leeftijdsgenootjes die wel tot terroristjes zijn gevormd. Alomtegenwoordig is dat weerhouden en dwingen, dat aan gebruik onttrekken en onthouden ( = het bezitten van de eigen spullen, het eigen spul, de eigen kinderen, alles wat eigen is).
=========
Het gaat me er nu in deze tekst om te zoeken naar de manier waarop het wordt aangemaakt (uit kinderen), het tuig van tegenwoordig: junkies, beperkingsbestrijders [vrijheidventers, taboebrekers en grensoverschrijders], solitaire geweldplegers en dergelijke.
===========
Kinderen verkennen wat ze kunnen. Ze zitten overal bij en overal aan. De ouders leven in gevecht met of minstens onder de bedreiging van anderen (bezitters en bevoegden), die de kinderen bedreigen. De kinderen worden van veel verkennen weerhouden, 1. door hun ouders en 2. door de gezamenlijkheid, die de kinderen opsluit in scholen en/of sluit buiten de plaatsen waar gewerkt wordt (fabrieken en kantoren) en waar privaat gewoond wordt.
=========
Aan de verschijnselen / ervaringen die iemand (kind of volwassene) waarneemt, dat is: kent, maakt hij, ONVERMIJDELIJK een omgangsreactiepatroon voor de volgende kennismaking vast. Dat is [als het (in dit geval een doel) ware] het doel: dat verbinden van een herkenning met een herinnerde AANGELEERDE omgangsreactie als niet meer te overwegen, maar onmiddellijk (en onverwijld) te gebruiken stuk gereedschap. Die reactie is dus gereedschap, geen bevel, geen wet. Soms echter heeft een mens geen tijd om uit het wel of niet gebruiken van dat gereedschap te kiezen en zeker niet om uit het gebruik van verschillende mogelijke reacties te kiezen, al overwegend.
=============
Er hoeft niets, ik geef je geen bevelen, je moet zelf weten wat je doet. Je kiest maar wat je het beste, het lekkerst, het leukst, vindt. Je moet zelf weten wat je met je txaenz en je geld doet. Alles kan, niets hoeft. alles moet kunnen.
=============
Het voortplantsel van de gewone burgermensen pubert, vaak levenslang. Het kan niet onderscheiden tussen nodig en onnodig. Tussen 'gij zult niet doden' en 'gij zult niet smakken' bestaat alleen de overeenkomst: het zijn verboden van anderen en dus ga ik die als zelfstandige niet langer gehoorzamen, resp. onderschrijven. Haardracht, de voorgeschreven magerte bij meisjes en haargroei bij jongens, dergelijke futiliteiten worden vulling voor hun denken en handelen. Alle constructiefs en alle nodigs wordt door daartoe bevoegde (en zodoende, daardoor bevoorrechte) specialisten ten dienste van die kinderen gedaan. Kiest de verzorgende moeder gezond brood, gooit het puberende kroost dat weg, ten gunste van wat dan ook. Het gaat niet om dat brood, het is het weigeren van het bevel om het op te eten. De burgerman kan nodig niet van onnodig onderscheiden, die luxe kan hij zich niet (nooit) veroorloven, want dan leert hij zijn kind dat hij nodeloos werk doet voor anderen, voor geld, dat hij dient voor geld, dat hij gehoorzaamt, dat hij slaaf is en op zijn beurt voor heer speelt.
============
De leugen dat de slavernij weg is, wordt duur betaald.
============
De puberende magerzuchtmeisjes hongeren zich de vrije dood in, gehoorzamend aan de bevelen van opzij en uit de tijdschriften. =============
Opvoeders falen als zodanig, als zij niet met zekerheid het kind melden dat deze ene reactie DE reactie op deze ervaring / dit verschijnsel is. Het kind dat geen instructie krijgt, heeft niets anders dan zijn toevallige gevoel van dat moment om te verbinden aan zijn ervaring. En zo komen er junkies, naast die bijval van de aandringende gelijke naast hem en het opgewonden kunstmatige gevoel in hem is er niets. Dat niets naast maten en gevoel is de ledigheid. Dus doet hij het ("scoort hij") nog een paar keer en dan is hij gered uit de ledigheid, want dan heeft (nu ja, vreest) hij onthoudingsverschijnselen om te vermijden.
===========
Ook het terugvallen in het niets te doen hebben vrezen de junkies overigens en ze kunnen dus ook zonder onthoudingsverschijnselen, ze hebben die niet nodig.
============
============
Het leed en het wangedrag, zij komen tot stand via ledigheid ( = het niet in het voorzien in eigen nodigs volledig en harmonieus kunnen functioneren) en doelloosheid ( het gevolg van opgevoerde arbeidsproduktiviteit zonder compensatie daarvoor in als nodig voor de gezamenlijkheid te herkennen gestelde doelen ). Iedereen herkent alle onnodigs als zodanig en ook alle eenzijdig functioneren als zodanig. Iedereen herkent het toppresteren en het zich met elkaar meten als leeg gedoe. Dat betekent dat er doelloosheid en ledigheid ervaren worden. Er is, met andere woorden, geen gegeven doel waaraan iedereen zijn txaenz kan besteden, waarin iedereen zijn txaenz kan investeren. Iedereen hoort van iedereen dat iedereen zelf moet zorgen voor zijn eigen functioneren en dat in het doen van onnodigs. Dat wat men doet er niet op aankomt krijgt iedereen te horen, dat is helemaal geen geheim. Juist de geëiste verdraagzaamheid jegens elke gekte van anderen is de krachtigste manier om mee te delen, te laten weten, dat elke bezigheid die ergens ooit door iemand gekozen wordt om zijn txaenz aan te besteden van totaal onbelang is. Het enige notabele, het noteren, het opmerken waardige is de (weg, dat is de competitie, naar de) topprestatie (het winnen van de winnaar:) het record.
==========
Nee, de mensen hoeven niet terug te verlangen en/of te gaan naar vroegere produktiemethoden en omgangsgewoonten. De verworven inzichten kan men niet laten vallen, bijvoorbeeld niet dat van de willekeurigheidnu en irrelevantie [t.a.v. 'wat is'] van de ontelbare ooit (soms recentelijk) verzonnen culturen, ideologieën en religies. Ook het voor velen nieuwe inzicht dat het onheilig is, dat rangschikken omderwille van het rangschikken, het vechtspelen om voorrechten van allen met allen, zowel alleen als in grotere gevechtseenheden zoals ondernemingen en nationale staten, waarbinnen mensen dan solidair en lotsverbonden kunnen zijn, met of zonder positieve gevoelens daarbij.
========
Er is (en zij) geen terug. Wat is het probleem dat moet worden opgelost? Dat probleem is: hoe voor alle levenden te voorzien in WELZIJN, dat is: in de gelegenheid tot in vrede volledig en harmonieus functioneren. Hoe te voorzien daarin ? Hoe iedereen de gelegenheid te geven zijn txaenz te besteden en te investeren in een door de gezamenlijkheid der mensen gedragen onderneming: evenzeer als 'het zich met anderen meten' nu, door allen gedragen.
===========
De exemplaren van de diersoort mens willen kennelijk door hun tijdgenoten opgemerkt worden, aangehoord, de moeite waard gevonden, gewaardeerd, gekend, bemind, vereerd, desnoods gevreesd en verafschuwd, als ze maar worden opgemerkt, als ze maar niet merken dat ze in de massa niks waard zijn, zo irrelevant als een spreeuw in een reusachtige zwerm, als een sprinkhaan in een plaag.
===========
Die waarde kregen ze ooit door zich te betrekken op een persoonlijk God. Nu heeft men hen die mogelijkheid ontnomen door ze hen te laten: vrijheid om te geloven in wat je wilt is de ergste ontkenning van het bestaan van je God en van de onzinnigheid van elk streven van je vanuit het leven met die god.
==========
Terug naar de geïsoleerde culturen en naar de daarin voor iedereen, dus in als OBJECTIEF ervaren intersubjectiviteit echt bestaande Goden, dat kan niet, niet voor (eerder dan door, bij en na) de ineenstorting van de wereldbevolking.
O.K., dan moet er iets anders gedaan worden. Gewoon gedaan, want er is geen buitenmenselijke ingrijper te verwachten, niet voor de gezamenlijkheid, ook al geldt: wel door en dus voor de leden van diverse religies en sekten.
===========
Gelegenheid openen voor iedereen om zonder anderen te dienen te voorzien in wat je nodig hebt, daarbij ALS MIDDEL te doen wat je doen moet (bijvoorbeeld: bewegen en de belasting van je organen variëren). De gelegenheden om aan geld te komen (want het geld kan / zal niet zomaar worden afgeschaft of van een nevenstroom voorzien) zo maken dat niemand meer aan lege bewegingen en strevingen (gymnastiek en sport bijvoorbeeld) hoeft te doen en ook niemand meer perfectie hoeft na te streven of zijn eigen grenzen hoeft te zoeken. Goed is wat harmonieert, niet wat uitsteekt.
==============
Laat de mensen elkaar onderwijzen, dat wil zeggen: elkaar de gelegenheid geven om met een gids en taalleraar kennis op te doen door het omgaan met alles wat die mens daar interesseert, alles wat hij wil leren kennen (inclusief hanteren en in zich voorzien van een passende reactiegewoonte op de aanwezigheid ervan in zijn omgeving).
============
Betaal wie onderwijzen, wie leermiddelen verschaffen (uitlenen, laten gebruiken) en wie examineren voor het bewezen leren dat de leerlingen deden. Men raakt het leren beu, men wil het geleerde toepassen: kortom er blijven werkwilligen, maar ze zijn anders dan de mensen van nu.
==============
In feite is het helemaal niet zo moeilijk om in te zien dat ze met het zich door anderen laten dienen bezig zijn koninkje te spelen. Dat hele rangschikken is uiterst oninteressant, maar dat zien ze niet in. Die rangschikking zit er nu (volgens zeggen) al tienduizenden jaren in, in de gewoonten. Al zou het 'van nature' zijn, dan nog is de mens zozeer in staat onnatuurlijk te handelen en te voelen, dat hij ook dit kwijt kan, van zich kan werpen.
===========
Ik kan dit vooral daarom zo gemakkelijk uitschrijven omdat het me geen zier meer kan schelen. Het zal in ieder geval mijn tijd duren en ik heb na mijn dood niets meer te verwachten of te vrezen of te hopen.
===========
Het is dat rangschikken, die staatzucht, die hen ervan weerhoudt zichzelf en anderen gelukkig te maken. Het is niet hun onwetendheid, ze hadden massaal hetzelfde kunnen doen met die paar nodige verhalen als wat ik gedaan heb. Iedereen kan zich los maken uit die rangschikking en in zijn eentje vertrekken, de wereld uit, de hemel, de postwereldlijke situatie in, waar niet de onwetende, het dier in zijn omgeving zelf, zelfstandig leeft, maar de wetende, die eerst in de civilisatie het tegendeel van vrijheid ( = natuurlijkheid ) heeft leren kennen. Ja, wie in hun eentje uittreden missen het samenleven, dat ze nu ook niet hebben. Het is ook niet de echte hemel, het is geen terugkeer in het paradijs waar in de kleine groep geleefd werd. Als het rangschikken 'van nature' was, zoals bij sommige andere diersoorten, dan was ook in het paradijs het leven reeds vergald door heerszuchtigen. Pas als de wereld niet langer iedereen kan gebruiken kan men de ruimte verwachten waarin sommigen een kans kunnen grijpen om uit te treden, om zich zonder religieuze smoes uit de wereld terug te trekken. Die religies waren in gebruik om uit te treden, op kosten van gelovigen, ook als die zelf niet echt heel erg veel zonder meer toch wel weggooiden. Kijk, die duizend maal duizenden kilo's eten die men hiertelande dagelijks of minstens maandelijks weggooit, daarvan kan menigeen eten. En zo is het ook met alle andere voor het voorzien in het nodige bruikbaars. Een wegwerpmaatschappij daar is van te leven, zonder iemand te schaden en zelfs zonder iemand iets te hoeven vragen.
============
Nu miljarden mensen zich aan het rangschikken zijn, is er voor niemand, alleen of in vereniging, enige mogelijkheid daar een eind aan te maken. Dat is dus niet de weg. De weg is: wie dat wenst kan uittreden, in feite houdt ook weer niemand hem tegen, hij hoeft zich ook niet aan te melden en hij hoeft niemand anders mee te lokken of te nemen. Het is helemaal geen geheim dat er gevochten wordt om voorrechten en dat zulks onnodig is. Wie afstand ervan neemt, toeziet en er aandacht aan besteedt bevrijdt zich er zodoende van. Dat is dan voor hem het einde van alle sociale problemen, hem resten nog slechts de natuurlijke opgaven: zich voorzien van wat hij nodig heeft en van de gelegenheden om te doen wat hij nodig moet doen.
===============
Ik kan overigens ook niet van dit inzien afstand doen. Het is zo evident als iets maar zijn kan. Menigeen kan het duizend keer horen zeggen en alle feiten zien, die nodig zijn en toch niet inzien. Dat is overigens ook niet echt betreurenswaardig, want zijn wel of niet bekeren maakt niets uit op het geheel. Jammer is het ongelijk verdeeld zijn van het nodige en van het geluk, maar er is niets te veranderen aan 'wat is' door mij. Dat is een niet te betreuren feit: geen enkel feitelijk gegeven is te betreuren, betreuren is een onzinnige bezigheid, een spelletje met een plaat naast de werkelijkheid, een wensplaat. Wat betreurd wordt zijn de verschillen ten negatieve, wat toegejuicht wordt zijn de overeenkomsten ten positieve, enz. Leeg spelletje, dat gevoel.
=============
Het bestrijden van het echte leed uit echte nood, dat is een natuurlijke reactie op echte meerzintuiglijke gegevens. Het is allemaal poeha.
======
Het zou veel en veel prettiger zijn als er goden en buitenaardsen waren die intelligent en weldadig waren en de mensheid goedgezind en aanspreekbaar en bezig onrecht en recht in balans te brengen: de wrekende en goedmakende gerechtigheid oefenden. Die godsdienstige verhalen waren zeer, zeer inspirerend en troostrijk. Maar ze zijn misverstaan, misbruikt en toen als 'mis' aangemerkt, omdat menigeen het juiste gebruik niet meer had: men had zich de vragen niet eerst bewust gemaakt en daarna die verhalenverzamelingen als antwoord gebruikt, maar de verhalen verteld en misbruikt, al lang voordat de hoorder in kwestie ze als antwoord kon verstaan. Zulks is jammer. Maar er was ooit een tijd dat teksten invloed hadden, doordat ze zo zeldzaam waren. Nu spreekt en schrijft iedereen en leest en luistert er niemand. Jammer dan. Zelfs al publicerend kan ik voor niemand meer iets betekenen.
============//////////\\\\\\\\\\\\============
einde files november 1996 onder wordstar
=======================================================

0 Reacties

Plaats Een Reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Categorieën in Jaap’s teksten

Recente reacties