Jaap Schot, 7 mei 1985
Men zegt dat objectiviteit niet bestaat en bedoelt daarmee dat er geen uitspraken over zaken gedaan kunnen worden die niet ook als opiniërend bedoeld worden. Daarnaast staat de uitspraak dat er geen feiten (te melden) zijn zonder (een) theorie (te gebruiken). Om redenen die mij niet duidelijk zijn, of zonder redenen, zegt men dat uit als "er zijn geen feiten zonder theorie".
Het is mij niet duidelijk waarom mensen in telegramstijl spreken. Aan het goede verstaan van elkaar als algemeen voorkomend verschijnsel kan het niet liggen. Men verstaat elkaar niet vaak goed en men weet zelfs vaak niet wat men bedoelt, want wanneer ze in correcte, wat langere vorm hun uitspraak geparafraseerd vinden, herkennen ze die niet. Ik verdenk vele mensen ervan dat hun uitspraken napraatsels zijn en dat ze er een gevoel mee begeleiden in plaats van dat ze er een gedachte mee verwoorden.
Gedachten zijn niet van woorden gemaakt, maar kunnen onder woorden gebracht worden. Ik weet niet of ik dat wat we dromen noemen ook als een uitdrukken van gedachten moeten opvatten, dit keer in een film, in plaats van in een tekst. Deze film is dan wel een 'feelie' in plaats van alleen maar een 'movie'; ik kan niet dromen zonder te voelen, zoals ik niet zien kan zonder kleuren te zien. In mijn wakende leven let ik niet echt op kleuren, ik beleef ze niet. In mijn dromen kan ik niet, zoals in mijn wakende leven, mijn gevoelens onopgemerkt, op de achtergrond houden.
Er is geen kleding te krijgen is zonder dat men er een mode mee koopt (of, zoals bij klederdracht: een traditie; dat verschil maakt voor dit betoog niets uit, voor een betoog over leven met wegwerpen wel). Zoals er geen modevrije kleding te verkrijgen is, zo zijn er ook geen opinievrije berichten te verkrijgen. Dat is natuurlijk iets volledig anders dan te zeggen dat objectieve kennis niet haalbaar zou zijn van de stand en gang van sommige zaken, die je zelf waarneembaar en ervaarbaar gegeven zijn.
Objectieve kennis is een pleonasme. Er is geen subjectieve kennis.
Er is geen kennis zonder dat er een kennend subject is, maar daar zit 'm nu net de kneep. De persoon die de kennis niet tot het bewustzijn van 'zijn' individu laat doordringen is geen subject, maar een object, namelijk op het zenuwstelsel van dat individu een verzameling van toevallige sporen, een korst, in het verleden gevormd. Een persoonlijkheid (een karakter, een ziel) is een dood ding, een littekenweefsel dat tussen de werkelijkheid en het gevoelige weefsel van het individu ligt, op (het oppervlak van ) dat gevoelige weefsel van het individu.
Soms heeft dat littekenweefsel een vertekenende werking t.a.v. de binnenkomende 'uitzending' vanuit de werkelijkheid, zoals een onregelmatig gevormd stuk glas dat heeft, in tegenstelling tot een geslepen lens. Soms heeft het littekenweefsel een reducerende werking tegenover de binnenkomende uitzending: het kan zijn dat de uitzending in z'n geheel onvertekend, maar verzwakt qua signaal binnenkomt, het kan ook zijn dat er stukken wel en andere stukken niet volledig worden ontvangen / doorgelaten. Wat het individu niet ervaart, niet door of langs zijn ziel (littekenweefsel) kan krijgen, dat kan hij ook niet kennen, begrijpen, verwoorden en uitzeggen.
Wanneer iemand zich los wil maken van de gezamenlijke anderen en 'tot de zaken zelf' wil gaan, zijn voor hem dan ook de volgende stappen nodig: 1.- ophouden van berichten iets anders te menen te weten dan dat ze worden uitgezonden, dat ze worden verspreid, 2.- van de eigen waarneming en ervaring te weten dat deze waarschijnlijk gereduceerd en vertekend worden door de nawerking van het eigen verleden in de werking van het littekenweefsel (de ziel, de persoonlijkheid, de smaak, de voorkeuren enz., al dat aangeleerde, dat niet als een gereedschap op gebruik ligt te wachten, maar zelf aan het werk is, de waarnemingen en ervaringen voorkomend en veranderend (afzwakkend, opsmukkend, verpakkend, vergelijkend, waarderend enz.). 3.- van dat wat hem bewust wordt in teksten en dromen te weten dat deze teksten en dromen al verwerkt en bewerkt zijn door de sporen van het eigen verleden. "Mijn dromen en de mij invallende gedachten zijn in mij, niet van mij als individu." Dat moet iedereen weten, die zelf wil leven (in tegenstelling tot geleefd worden door anderen, rechtstreeks van opzij of indirect via de in het eigen verleden aangebrachte sporen: de persoonlijke opvattingen en opvattingsgewoonten).
Wat is daar nu het nut van, gegeven het feit dat iedereen toch levenslang gevangen zit tussen zijn tijdgenoten, buiten hun bezit en binnen zijn eigen bezit. Wat heeft het voor zin te weten dat jouw land een agressie-oorlog voert, wanneer je dienstplichtig aan het front bent? De vijand zal er belang aan hechten je dit te laten weten. Om je moreel te verzwakken. Als je tegen een oorlog bent, waar je dienstplichtig in vecht aan het front, is je kennis omtrent de fout van de oorlog in kwestie weinig verlossend.
Als je in een bezitterssamenleving leeft, is het weinig helpend, wanneer je inziet dat bezitten de bron van veel oorlog en schaarste, leed en geweld is. Wanneer je weet dat al je noodzakelijke en goed bedoelde consumeren besmet is met milieuvernietiging (rechtstreeks en door vervuiling), maakt dat je niet in staat tot het afschudden van die ongewenste (onnodige, schadelijke) kanten van het verkrijgbare nodige.
Het gevolg van het uitschakelen van je persoonlijkheid (het resultaat van de jou aangedane opvoeding en vorming door jouw tijdgenoten) is dat je bewust gevangen en overgeleverd bent. Het bewustzijn ervan is het enige resultaat. Inzicht bevrijdt niet. De gevangenschap en het overgeleverd-zijn laten zich niet wegdenken. Ik noem het wegwerken van de persoonlijkheid (het opvoedingsresultaat dat door anderen om jou als individu wordt onderhouden) : individueren. Individueren komt neer op het opheffen van een verdoving. De persoonlijkheid is een drug.
Voor een gevangene/ overgeleverde levert het bewustzijn van eigenzinnig begrepen, onvertekende en volledige, [- kortom van nog niet op de geldende maatstaven van het gezamenlijk bewustzijn toegesneden-,] kennis niets aan extra ruimte in zijn cel (= zijn bezit, inclusief zijn rechten) op. Zalig is hij, die een persoonlijkheid, een ziel, een begrippenverzameling, een wereldbeeld, een levensbeschouwing heeft gekregen / opgelopen, die hem tevreden doet zijn met een cel, hoogstens ontevreden met de [door ijver en inzet dan ook veranderbare] grootte ervan. Zalig de tevreden slaven. Juist ook de zelfbezitters, die zich inzetten voor een zaak, die zich uitsloven, die zich inspannen, die zich als uitgedaagd opvatten door anderen die op eigen initiatief een als gewild bekend staand of nieuw kunstje gaan doen om de tijdgenoten in hun functie van Koning Klant en Jan Publiek te behagen.
Zalig zijn zij die de wereld en de aarde gelijkstellen en b.v. ervan spreken dat 'ze in Alaska nog ijsberen hebben'. Wat om hen heen is, is eigendom, is binnen de wereld, want de wereld is dat wat eigendom is en de samenleving is dat wat toegekend recht (inclusief soevereiniteit) is. [Plicht is de achterkant van recht, zoals slavernij, bevolen worden, de achterkant van soevereiniteit is. Heersen = knechten. Macht uitoefenen is anderen hun overgeleverd-zijn doen ervaren; wie macht uitoefent doet dat in een positie in een IETS, hij doet er het IETS mee bestaan, want voor een IETS is bestaan gelijk aan gevolgen hebben, aan oorzaak zijn, aan functioneren, aan werken, uitwerking hebben.
Een IETS is een al of niet tot een instelling gemaakte) en al of niet benoemde sociale beweging
Benoemd = waar men een naam aan gegeven heeft, die men met een naam aanduidt. Benoemen stelt apart, als het ware naast, al of niet bedachte en/of ooit ergens verwerkelijkte alternatieven. De gevaarlijkste IETSen zijn dan ook de naamloze. IETSen zijn slechts begrippen, denkmiddelen, verzinsels, alle bestudeerbare gegeven verschijnselen, die bij deze wijze van bespreken 'in het kader van een IETS' plaatsvinden, kunnen ook apart worden waargenomen. IETSen bundelen slechts vele (vaak heterogene en zelfs onverenigbare) waarden. De kerken en partijen, de schoolvoorbeelden van IETSen noemen slechts een aantal waarden, van waaruit de mensen toch al leven, als ingrediënten van hun doctrine. Zo vierde de kerk de feesten der heidenen, zo noemen de democraten, de communisten en de roomsen allemaal 'eerlijkheid' en dergelijke als een deugd, een waarde, van hun ingezetenen.
Wie macht uitoefent kan dwingen of 'inspireren'. Tegen dwingen komt vrij snel verzet en het leidt altijd tot het ook , op zijn beurt, gaan doorgeven van bevelen. Wanneer de macht uitgeoefend wordt door te inspireren, dan komt dat neer op het bespelen van de ooit aangebrachte persoonlijkheid om het individu dat gebruikt wordt. Die persoonlijkheid is als een verzameling handvatten, toetsen en knoppen.
De motiverende, inspirerende machtsuitoefenaar bespeelt die persoonlijkheid en daarmee het ingezeten individu. De wraakneming / compensatie van het zo doende gebruikte individu komt in de vorm van het opvoeden en indoctrineren en moraliseren van anderen: het vormen van een op de zijne lijkende persoonlijkheid (------> hanteerbaarheid) om de ander, om andere individuen. [Als we de mensen / individuen als lichamen bezien, dan zit de persoonlijkheid / hanteerbaarheid 'in' hen, binnen hun vel. Het lijkt dan ook alsof degenen die anderen via die persoonlijkheid leiden, deze anderen niet aangrijpen. Iedereen kent echter uit eigen ervaring de kracht die door deze "zachte terroristen" op een mens uitgeoefend kan worden.
Het individueren komt neer op het ook deze banden (leidsels) als wezensvreemd herkennen. Wanneer we "onze" aanspreekbaarheid via sommige omgangsvormen niet kunnen opheffen, kunnen we de desbetreffende situaties en de desbetreffende gebruikers vermijden. Vluchten en vermijden zijn voor een vrij individu passende gedragingen. Individuen zijn namelijk niet almachtig en leven niet in veelvoud naast elkaar, zoals de IETSonderdelen dat doen.
Voor een IETSonderdeel (hetzij een mier of een vaderlander of een rooms-katholiek) is het een passende instructie om desnoods voor het geheel te sterven. Sterven in plaats van vluchten, aanvallen waar hij niet winnen kan en gevaar loopt, is voor een individu onintelligent gedrag. Dat is een reden waarom alle IETSen het er over eens zijn dat de individuen niet anders dan door hun persoonlijkheid heen naar de werkelijkheid moeten kunnen kijken. Daarom zijn alle IETSengebruikers ook voor het behoud van de identiteit der leden der IETSen; er moet verdraagzaamheid zijn, d.w.z. het moet niet te zwaar en te onvoordelig en te duur worden om als IETSonderdeel te leven.
Wetenschappelijke theorieën zijn bedoeld als vrij van IETSstichtende werking : waardenvrij. Iedere IETSgebruiker (= machtsuitoefenaar d.m.v. persoonlijkheidshantering) is er dan ook tegen als waardenvrije wetenschappers het verschijnsel IETSen tot onderwerp van hun studie maken.
Slechts geindividueerden kunnen waardenvrije wetenschap beoefenen, want het is geen techniek, het is een wijze van (onverhuld, naakt, zonder persoonlijkheid) zijn. De rest komt vanzelf. Men hoeft zo iemand slechts in contact met een verschijnsel te brengen om er wetenschappelijke omgang mee te veroorzaken: bestudering. Het in contact brengen tegelijk met het aanleren / opdringen van theorieën is niet het beste. Het is een nawerking (een imitatie / een nadoen) van het stichtelijk toespreken van leerlingen, zoals dat in alle onderwijs vanuit IETSen plaatsvindt. Gans onwetenschappelijk.
Waardenvrij is het antoniem van stichtelijk. "Waarden stichten IETSen" is een slogan, gemaakt van de volzin: door het aanspreekbaar zijn voor en het zelfs zonder actueel aandringen (druk) van anderen gedragen in overeenstemming met waarden, draagt men bij tot het (via bewuste bundeling door gebruikers of zonder dat : via spontane summatie van de gevolgen van het doen en laten der door deze waarde(n) in kwestie "geleiden") als oorzaak bestaan van een IETS dat deze waarde(n) als leer (doctrine) heeft.
Men stelt nu vanuit deze IETSen, d.w.z. vanuit alle opinies, vanuit alle in soevereiniteit gestelde doelen, en daartoe gekozen waarden, dat het nastreven van individuatie ook slechts een alternatief voor, dus een mening naast als die waarden van waaruit men leven kan.
"Leven" is hier :het nemen en uitvoeren van beslissingen t.a.v. het besteden van tijd, aandacht, energie en macht. Beslissingen omtrent of men besteedt en omtrent hoe men besteedt en omtrent waaraan en jegens wie men besteedt.
Men stelt het vanuit de IETSen, als waardendrager, als aangepaste, zo voor alsof waarheid ook een mening zou zijn. Sommigen gaan zover dat ze zelfs zeggen "waarheid bestaat niet"; ongevoelig voor de vraag waar ze het dan over hebben. Ook dit is weer een slogan, d.w.z. een zover verkorte formulering dat men in vergaderingen ooit de gelegenheid kan verwachten deze te kunnen uitspreken. Bedoeld is dat zij, persoon zijnde, ongeindividueerd, maar zich daarvan onbewust, niet uit ervaring de waarde(n)vrije kennis kennen, doch slechts de gecodificeerde, vertekende, begrepen, op sociaal-bruikbaarheidsmaat gesneden INFORMATIE.
0 Reacties