Spel, 1990

Categorieën: 1990, 1 januari – 1994, 31 december | Archief

Trefwoorden: RISK | spel

Jaap Schot, oktober 1990

Wat ik probeer uit te leggen is dit:
waar geen macht was,
-om te doen of na te laten of om zus of zo te handelen met dit of
met dat middel ter keuze-,
daar is geen schuld.

Het gebeuren in de wereld, het hele omvattende, zowel als het
gebeuren door mensen in de kleinste groepen, in paren dus, is op
te vatten als een spelgebeuren.
Alles wat er aan spelgebeuren gebeurt wordt gedaan, er is alleen
het geheel, de som van de zetten in het spel.
Iedere speler doet zijn zetten en elke zet maakt deel uit van het
spelgebeuren, is deel, is component.
Alles wat de spelers doen maakt deel uit van het spelgebeuren,
niet alleen hun bewuste en opzettelijke zetten, hun passes, hun
schijnbewegingen, kortom: al hun daden die zij stellen en waarmee
ze iets bedoelen/nastreven. Niet slechts die gevolgen van hun
bestaan maken deel uit van het spelverloop, breder en exacter
benoemd; van het spelgebeuren plus zijn gevolgen.
Voor alle gevolgen van hun daar-aan-het-spelen-zijn moeten de
spelenden (gezamenlijk) verantwoordelijk gehouden worden, los van
al hun bedoelen of betreuren, los van afstand van oorzaak en
gevolg in tijd en in plaats.

Er is ten aanzien van spelgebeuren (verloop dus plus gevolgen)
slechts gezamenlijke schuld, geen individuele schuld. Individueel
zijn de spelers schuldig aan het feit dat ze meespelen en voor
hun eigen doen en laten (dat is namelijk nooit een gevolg van
maar altijd hun reactie op hun omstandigheden, in het spel, op
het veld).
Er gaat van de gezamenlijke verantwoordelijkheid niets af doordat
de spelers in het spel 'civilisatie' ("minderetje zoeken") tot
democratisch vrije subjecten met eigen verantwoordelijkheid bla-
bla worden benoemd. Dat benoemen is puur holle rhetoriek, gewoon
geblaat.

Binnen het spel worden kinderen bekend gemaakt met het begrip
SCHULD. Jij hebt dat stoute gedaan, jij bent schuldig. Jij hebt
dat veroorzaakt, jij bent schuldig. Zover klopt het nog.
Het is de andere kant van het geven van beloningen.

Wat is er fout aan, wat maakt het aanleren van schuld tot kwaad?
Antwoord: dat wie beloont en straft de meerdere is van het kind
in kwestie dat op die manier geciviliseerd, dat is: onder (en
later boven) anderen geplaatst, gerangschikt, gerangordend wordt.

Logisch fout is het al wanneer een kind beschuldigd wordt van een
reactie van een ander op wat het doet of laat. Jij maakt mij
boos. Dat is onzin. Iedereen maakt zichzelf boos, door een
wensplaat naast wat er gebeurt, -in dit geval gedaan-, wordt.
Elke reactie van wie dan ook op wat ik doe is de
verantwoordelijkheid en schuld van wie (op mijn gedrag) reageert.
Hij reageert, dat is gewoon : hij doet. Zijn daad, zijn schuld.

Er zijn miljarden mensen bezig het rangordenspel te spelen. Dat
betekent een spelgebeuren dat ieder-een overkomt, net zoals het
weer (het klimaat) ieder-een overkomt.
Voor het weer weet iedereen zich niet-verantwoordelijk; aan het
weersverloop weet iedereen zich onschuldig. Punt uit.
Voor het spelgebeuren in kwestie als geheel (dat men 'het
wereldgebeuren', 'het maatschappelijk gebeuren', 'de ontwikkeling
van onze geciviliseerde wereld' of iets dergelijks noemt) draagt
ook niemand schuld.
Iedereen draagt alleen schuld voor wat hij zelf veroorzaakt.
Iedereen houdt bij hetgeen hij doet en laat wel rekening met de
stand en gang van zaken in de wereld (het wereldgebeurendeel) om
hem heen; ieder doen en laten is wel mede reageren. Maar dat het
ook reageren is, vermindert geenszins de schuld van de dader.

Het spel is rangordenen. Wie daarmee bezig is, speelt dat spel.
Wie daarmee niet bezig is, speelt dat spel niet.

Niemand kan in natuur en/of cultuur bestaan, leven, zonder ook
schadelijk voor andere levende wezens (inclusief soortgenoten) te
zijn. Dat schaden is geen oorzaak van schuld. Natuurlijk leven is
schuldeloos. Schuld is een civilisatiebegrip, het heeft buiten de
civilisatie geen plaats waar het thuishoort. Het begrip is, soms
met enig succes, gebruikt om (kinderen van) vorsten te beschaven.
BESCHAVEN is een nobel streven, het is het pogen iets teniet te
doen van het civiliseren, dat is: het tot een zondaar maken. Een
zondaar is gewoon een geciviliseerde, een voor zijn omgeving en
voor de toekomstige anderen schadelijke volidioot, die zich met
een krankzinnig bedenksel dat RANG genoemd wordt preoccupeert.

In elke cultuur zijn overleveringen en wie die niet houdt schaadt
zijn medemensen binnen die cultuur.
Wat ik in mijn begrippenapparaat met cultuur bedoel is:
de al of niet ooit ergens bestaande samenleving-in-cultuur, die
ik als zuiver begrip hier beschrijf en voor het begrijpen van de
werkelijkheid waarin ik leef gebruik.
Daarin gebeurt dit: alle regelingen worden op maximaal en
optimaal overleven gericht en zijn open voor wijziging op basis
van ervaring en argumenten, niet op basis van voorkeuren
(zoals bij "ons": modern-democratisch gebeurt, dat is: in
volkssoevereiniteit, in gezamenlijke onredelijkheid dus).
Per groep wordt daar, in de cultuur, het schaden zoveel mogelijk
vermeden. Er wordt alleen gedaan wat nodig is voor leven en
welzijn en zolang er niet meer wordt gedaan dan dat is er geen
schuld, want leeft men als natuurwezen.
Niemand doet zichzelf met opzet pijn en schade aan, voordat hij
gek gemaakt is. Zo doet wie in een cultuur leeft voordat hij gek
gemaakt is ook geen ander (stamlid, naaste, mens, schepsel) pijn
of schade aan. Dat vindt gewoon niet plaats in aller mensen
broederschap. Of: in het rijk gods van de christenen. Dat zijn
alleen andere namen voor het idee dat ik nu eens 'cultuur' heb
gedoopt. Volgens sommige schrijvers hebben nogal wat indianen en
andere primitieven vrijwel volmaakt zo ooit geleefd. Het is me
totaal onverschillig of dat zo is. Het maakt voor het denken met
deze begrippen totaal geen verschil.

Het denken met deze begrippen zal geen invloed hebben op het
verloop van het wereldgebeuren. Voor de civilisatie zijn de
meeste mensen niet nodig, vroeger hebben de vorsten het als
weinigen zelf, zonder het meespelen van al die lagergeplaatsten
(onderdanen) onder elkaar gedaan en het verwoestend effect was er
toen ook. Zolang het spel doorgaat gaat het schaden door, blijft
het kwaad, blijft de zonde. Nou, die blijft dus. Eindelijk een
echte zekerheid.

De geciviliseerden spelen hun rangordenen met zoveel plezier dat
ze nooit zullen uitproberen of zij ook in cultuur, zonder rang
dus, kunnen samenleven, zonder soevereiniteit als stemveestapel
en zonder privacy en 'vrijheid die keuzevrijheid is' als
enkeling.

God (de schepper, de stamgod van israel, de bankiergod van de
talenten, uitgezet onder knechten die te streven hebben naar
maximale zelfontplooiing, in de betekenis van resultaten voor het
propageren van het godsrijk) heeft bij monde van jezus van
nazareth, volgens de kerkvoorgangers, iedereen opgeroepen ieder
ander op te roepen om het civilisatiespel te verlaten (dat is: om
niet meer te willen zijn dan zijn broeders).

Gelukkig is de bijbel geen boek dat krankzinnig maakt door
onmogelijks te vragen. Wanneer een stad niet luistert naar de
oproep in kwestie, dan hebben de verkondigers de opdracht zich
daar niet schor te blijven preken, maar er weg te gaan. Ze moeten
het stof van die stad van hun schoenen kloppen en het zal de
aldus spoorloos uit het geheugen der welwillenden gevaagde stad
als het er op aankomt slechter vergaan dan sodom en gomorra (en
die steden verdwenen in vuur en zwavel en dat was geen pretje).

Op die oproep zijn verscheidene reacties mogelijk.
1. gaan profeteren, werven, propageren, prediken, ijveren
2. het gebeuren opvatten als te groot plus alleen als geheel te
beschouwen. Dat resulteert in het begraven van het verstrekte
talent, onder het uitroepen van: "het is mij een te grote rotzooi,
oh hemelse baas, mest die zwijnenstal van je zelf maar uit".

Die laatste reactie wordt afgekeurd. Volgens de leer moet je
blijven proberen enkelingen los te weken uit de civilisatie.
Velen zijn geroepen, maar weinigen uitverkoren, met andere
woorden, het resultaat is bedroevend gering. Maar je hebt en
houdt op die manier wel altijd wat te doen.

Ik word er volstrekt niet door geinspireerd.
Ik vind er geen lol aan.
Ze hebben alle argumenten en ze kennen het feit dat er binnen het
spel, al spelend dus, met andere woorden, niets te veranderen is,
want het spelverloop als geheel is buiten ieders macht:
OOK BUITEN EN BOVEN DE MACHT VAN DE LEIDERS EN VAN DE NATIES EN
VAN DE MULTINATIONALS EN VAN DE RIJKEN.
Het spel moet gewoon worden gestaakt, wat niet erger is dan dat
er opgehouden moet worden met het zich qua rang (en dus qua bezit
en daartoe qua prestatie) met elkaar meten.
Ingewikkelder is dat niet en als ze daarmee klaar zijn, met dat
ophouden, dan zal ik (jonah de tweede) met plezier onder mijn
boom vandaan komen en met hen de nieuwe wereld (in de bijbel heet
dat de hemel) opbouwen waar gerechtigheid en vrede zijn. Ik ben
de rotste niet.

Maar ze zijn gelukkig met hun spelen, hun aan-het-spelen-zijn;
ook al zijn ze niet allen altijd gelukkig met hun omstandigheden
en rang binnen het spel.

Niemand kan de loop van het spel beslissend of ook maar
noemenswaard veranderen, laat staan het sturen ten goede. Slagen,
in welk streven dan ook is hoger zijn dan wie niet slagen, dus
zal elk pogen, in het spel tegengestreefd worden, puur om de
pogende klein te houden. Dat heeft met de inhoud van het pogen
niets te maken. Het rangordenen lijkt op Risk in het echt.

Enkelingen, groepen, volkeren, naties, IETSen, ze streven niet
naar buiten-het-spel-treden; ook de kerken niet. Ze spelen het
spel. Ik heb geen zin om dit te gaan preken. Ik hoef niet te
publiceren. Ik hoef niet te horen dat ik wereldvreemd ben, dat
weet ik al. Ik hoef niet te horen dat de tijd niet terug te
draaien is, dat hetgeen misschien ooit ergens was, niet terug te
krijgen is, de samenleving bijv. die ik 'cultuur' noem, laat
staan het paradijsbestaan dat ik 'natuur' noem. Het is
romantisch, ja hoor, ik (her)ken alle scheldwoorden van de
civilisatie tegen alles wat anders is dan spelen.
Alles gebeurt zoals het gebeurt, met of zonder mijn publicatie,
mijn streven, mijn teksten, mijn gedoe, gevoel en gedenk.
Een afrekenende god is er niet. Die bankier met z'n talenten is
een verzinsel als alle andere goden.
Uit de christelijke gemeente zowel als uit de maatschappij (de
massa der baantjesbekleders) ben ik vertrokken. Nergens is vraag
naar ideeen van mijn soort. Bovendien, ik heb niets nieuws te
melden, ik heb alleen iets begrepen, iets gesnapt, iets
doorgekregen en ik heb het onder woorden gebracht, heel eenvoudig
te snappen. Ik zei, nee schreef, uit wat iedereen als feit kent,
namelijk dat het zich rangordenen hun aller spel is.
Velen doen alsof 'bewijzen dat je binnen bent', 'er ook bij
hoort', zonder dat je binnen nu zo erg veel minderen-van-je wilt
aanwijzen, geen spelen is. Het is wel spelen, alleen hebben wie
het zo doen hun aandacht er niet zo aan besteed om door te
krijgen waar ze nu eigenlijk, bij nader inzien dus,. aan bezig
zijn.
Niet weten wat je doet maakt je echter alleen volgens de
christenen onschuldig (zo onschuldig als de soldaten die jezus
kruisigden), maar die soldaten waren schuldig, want er werd door
Jezus voor hen om vergeving gevraagd aan God.

Nu ja, ik hoop dat iedereen gelukkig is en blijft. Ze moeten maar
bedenken dat niet iedereen succes kan hebben binnen het spel.

 

 

0 Reacties

Plaats Een Reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *