Taaleieren

Categorieën: 2000, 1 januari – 2004, 31 december | Archief

Trefwoorden: geloven | taal

Jaap Schot, 11 april 2003

Uit een mensenkind dat heeft leren praten kan een taaldier groeien. Taaldieren leggen eieren, die teksten heten en uitgebroed kunnen worden door lezers en door hoorders/herinneraars. Ook wie een tekstei legt en dat enige tijd bewaart, kan het bij lezing uitbroeden. Uitbroeden is een heel werk en de meeste teksten zijn onbevrucht en vele worden bedorven gelegd.
11-4-03 12:38|11-4-03 12:42:
=========
‘Lernen’ is broeden en de Thora (het oude testament) zit vol levenskrachtige kiemen. Het prediken van de priesters is het onbebroed en onbeschadigd doorgeven van die kiemen aan de gemeenteleden, zodat die elk voor zich kunnen gaan broeden. Dat is de bedoeling. De profeet maakt nieuwe kiemen: hij doorziet, door lang broeden geschoold, wat kiemen zijn en wat niet en in hem ontstaan nieuwe kiemen. Hij is geen dader van dat aanleggen van die nieuwe kiemen, wel van het spreken / schrijven / bewaren / publiceren en zodoende voor eventueel uitbroeden beschikbaar stellen ervan.
========
Velen zijn geroepen (uit te broeden, de kiem is wijd verspreid, gelezen en gehoord), maar weinigen uitverkoren (geschikt bevonden door de kiem in kwestie, als broedmachine). De meeste mensen doen hun best niet en ‘lernen’ niet en het zaad valt op rotsachtige bodem, gaat in de verzengende zon te gronde, enz.. Van de massa zaad dragen er slechts weinige vrucht. Om dat ‘vrucht dragen’ gaat het. Om het uitbroeden gaat het dus. Wie uitbroedt is o.k. Niet iedereen hoeft te prediken en/of te profeteren en/of op zijn beurt nieuwe kiemen aan te maken en te verspreiden. Dat kan hij laten gebeuren als het gebeurt, zonder / buiten zijn initiatief en gestreef.
========
Het broeden duidelijk voordoen, openlijk, is minstens zo dienstig in (c.q. tot het helpen komen in) het hemelrijk als het leggen van nieuwe eieren, het verspreiden van nieuwe kiemen (sporen als van een schimmel of zaad als van een bloeiende plant).
==========
‘Lernen’ moet gepaard gaan aan het zich als broedmachine ontwikkelen en verbeteren en daartoe: expliciet het eigen doen beschrijven [opmerken ---> analyseren ---> begrijpen ---> benoemen ---> vatten (in een Gestalt) ---> bespreken ---> beschrijven].
Een voorbeeld: gisteren zond de Evangelische Omroep een film uit over de U234, een Duitse onderzeeboot, die met uranium en ‘Vergeltungswaffen’ op weg gestuurd werd naar Japan. Het uranium kwam in handen van de USA en die maakten mede ervan hun atoombom en gooiden die op Japan. Het is me wat geweest. Nu zend daar dus de EO, die dient te melden dat God dit gebeuren heeft gedaan. Dat is hun leer. “Gods adem heeft ze verstrooid” zeiden de protestanten over de Armada. En zo was het gebeuren met hun begrippensysteem correct beschreven. Maar niet aldus de EO gisteravond: die vertaalde de bij de film horende tekst heel netjes: het lot had het anders doen gebeuren dan Adolf en de zijnen en de Keizer van Japan het hadden gewild, gepland en nagestreefd. Dat is een niet evangelische omroep, dat is een heidens ei, een kiem van het onpersoonlijk heelal als gebeuren, als proces.
=========
De EO voorkomt op deze wijze dat de gelovige kijkers het Job – probleem krijgen: “Hoe kan God dat allemaal toelaten?”. Dat probleem hoort bij God die het heelal als gebeuren bezien, DOET.
========
Is het nu van enig belang of zelfs maar enigszins amusant of ‘goede hersengymnastiek’ om zo te luisteren en ‘na te denken’ (in de betekenis van er je tekstaanmaker mee bezig te laten gaan)?. Ik kan me aan het beantwoorden van deze vraag onttrekken door vast te stellen, te melden, want het is zo, dat dit nadenken mij overkomt. Het gebeurt, zoals alles in het heelal zonder mijn initiatief. IK ‘geloof’ niet in ‘de vrije wil van of in mij’, ik nam er nooit iets van waar, vandaar dat ik zou moeten geloven en dat doe ik niet.
=========
Ik meen op te merken dat er vele mensen zijn die geen taaldieren zijn geworden, die het bij ‘leren praten’ en ‘praten’ hebben gelaten, bij wie het daarbij is gebleven. Het taalgebruik bleef op het niveau van praten, probleemloos.
Het is niet moeilijk te zien voor een niet zoals Job gelovige, dat Jobs probleem aan dat geloof vast zit. Wie niet of iets anders gelooft krijgt dat probleem niet. Zo zal de godloze juridisch gelovige ‘denken’ dat diegenen die de kinderen van Job vermoordden schuldige initiatiefnemers met vrije willen waren. En de rovers van Jobs voorraden strafwaardige dieven, en zo voorts. De gewone atheïst van ‘De Vrije Gedachte’ zou wel eens zo kunnen ‘denken’.
=========
11-4-03 13:26||11-4-03 13:29:
========
‘Als ze maar gelukkig zijn’. Zou men kunnen zeggen. Zegt men ook. En ik voel geen enkele drang hen tegen te spreken. Maar als er iemand van deze pratende mensen ongelukkig is, kan er met toespreken niets bereikt (daaraan veranderd) worden.
========
Komt het ongeluk van Job van zijn taaldier zijn? Zou hij niet of minder ongelukkig zijn geweest als hij ‘zijn leer’ niet had gehad, zijn opvattingswijze en besprekingswijze van ‘wat gebeurt’ ? Als een dier dat geen taal heeft, - laten wij ons zo’n dier denken -, zijn voorraden en zijn jongen verliest, lijdt het dan? Komt lijden door het naast het ons rakende gebeuren houden van een wensplaat, een beeld van ‘wat we beter achten’? Soms wel, als we armoe definiëren als het niet kunnen kopen van merkschoenen (algemeen geformuleerd: niet met het aanschaffen van enige minderen kunnen meedoen aan het ons rangschikken). Dan is de wensplaat de oorzaak van het leed. Maar het verlies van voorraden en kinderen, dat is toch wat erger. En nóg erger is het verlies van de eigen gezondheid.
========
Mij interesseert het bovenstaande eigenlijk niet. IK geloof niks. IK hou geen wensplaten naast ‘wat gebeurt’. Jobachtige problemen heb ik niet. Ik heb ook geen gevoel van falen, omdat ik niet zou weten hoe de ideale, juiste, bedoelde ‘ik’ [mijn eigennaam past hier op de plaats van ‘ik’] zou moeten zijn: er moet niks, er hoeft niks, er wordt niks bedoeld, voor zover ons KENNEN reikt, voor zover ons kennis gegeven is, zintuiglijk of anderszins, buiten het geloven dus.
=========
Geloven is een foute manier van omgaan met taal, met begrippenapparaten, met beschrijvingswijzen, opvattingswijzen en besprekingswijzen. Geloven is een foute bezigheid, wat ook de inhoud is. Laat ons inzien dat wij gokken als wij noodgedwongen geloven. Laten wij inzien dat wij ten aanzien van hetgeen wij niet opmerken, niet proberen te begrijpen en te bespreken, ononderbroken gokken. Wij kunnen niet anders, ons is ‘hetgeen gebeurt’ niet volledig gegeven, we zouden het met onze hersens ook niet kunnen verwerken. En zelfs dat deeltje van ‘wat gebeurt’ dat ons raakt is al te groot voor ons en ons dan ook onbekend. Die flarden / splinters die ons als kennis gegeven zijn tijdens het waarnemen zijn onvoldoende om ons mee te redden. Maar we proberen wat en tot het misgaat gaat het goed, tot onze laatste snik overleven we alles.
=========
Dit bovenstaande is metabespreking van ‘bespreken’, van taal gebruiken, van het gebeuren van het aanwezig zijn van taal, het gebeuren van taal. Het leren praten overkomt ons, zoals alle leren. En zo overkomt ons ook het in ons (al of niet) ontwikkelen van dat gebeuren tot metabespreken. Bij iedereen bij wie dat gebeurde is dat gewoon veroorzaakt (= als gevolg van oorzaken te beschrijven, op te vatten, ook al zijn die oorzaken niet ons bekend). In die andere manier van het bespreken van ‘wat gebeurt’ kunnen we ons enthousiasme, inspiratie oftewel het in ons werken van een of meer geesten (of modern: ‘memen’) indenken.
Juist het afstand hebben (genomen, gekregen, opgedaan) van taalgebruik, van ‘door taal gebruikt worden’ mijnentwege, maakt dat het allemaal zijn gewicht verliest, geen gewicht heeft.
Gewicht, belang, wordt aan gebeuren (gebeurtenissen, dingen die gebeuren, incidenten en verschijnselen, inclusief ‘personen’, inclusief de denkende zelf) gehecht, toegevoegd, vastgemaakt. Alle ‘belang’ is artefact, artificieel. Gezamenlijke aanmaak is niet minder aanmaak dan eenpersoonsaanmaak.
11-4-03 14:05|||
=========

 

0 Reacties

Plaats Een Reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *