Verantwoordelijkheid en juristerij

Categorieën: 1995, 1 januari – 1999, 31 december | Archief

Trefwoorden:

Jaap Schot, 13 december 1998

Ieder mens is blind voor de toekomst, toekomstblind in analogie van kleurenblind. Ieder mens is voor het allermeeste van wat er is (resp. aan de hand, gaande, het geval) blind. Het allermeeste is hem niet-gegeven (maar een standplaats en alleen maar deze zintuigen) en van wat hem gegeven is, merkt hij slechts een zeer klein deel (percentage) op [de rest, daar krijgt hij geen aandacht bij]. Het verleden is niet meer, herinneringen zijn opgeslagen informatie, geen kennis. Bovendien vertekent en vergeet ons geheugen die informatie en vermengt die met totaal niet ter zake doende beoordeling (zedelijke, ethische, esthetische en zo meer).
==============
Een wezen dat dus niet alleen maar niet alwetend is, zijn we. We zijn een zeer weinig wetend [resp. kennend] wezen. Zelfs als we weten en kennen niet onderscheiden en alles wat we maar hebben of menen te hebben aan gegevens gebruiken zijn we niet meer dan een blinde die een auto bestuurt. We zijn voor onszelf en elkander en de rest een groot gevaar, op de (levens)weg.
=============
Het is een gotspe om zulk een blinde als ieder van ons (ten aanzien van het ter zake doende voor, bij en omtrent ons gedrag) is, voor wat hij doet verantwoordelijk te stellen en dat nadat men hem uitdrukkelijk heeft aangespoord tot 'bewegen', tot 'initiatief nemen in plaats van afwachten tot iets hem raakt'. Aangespoord, niet slechts geraden. Aansporen is pijn doen met scherpe dingen die men niet kan nalaten te voelen, als paard. De onderdrukte overwonnenen worden als slaven bedreigd met armoe en zwaar werk en pas als ze nieuwe leuke dingen voor de onderdrukkers vinden, kunnen ze een kans verwachten om dienaren te worden en als hoveling / huisbediende /huisdienaar een enigszins pijnarm bestaan te krijgen toebedeeld in ruil voor hun kunstje. Het slavenbestaan, hoe geëmancipeerd ook, wordt nooit echt pijnloos.
================
Een mens heeft niets aan een vrije wil, nu hij niet alwetend is. Zoals een blinde niets heeft aan een rijbewijs.
Laat mij niet mijn lot beslissen,
zo ik kon, ik durfde niet;
Ach, hoe zou ik mij vergissen,
als gij mij de keuze liet.
=========
De fee en de geest uit Aladins' wonderlamp zijn voorbeelden van hoe dit thema in verhalen wordt behandeld: de mensen mogen een of meer wensen doen. Het verstandig gebruiken van die gelegenheid, zonder brokken te maken, blijkt uiterst moeilijk. Dat heeft met het niet kunnen voorzien van de "consequenties" te maken: 1. de gevolgen voor en vanuit wat niet meespeelt, van wat en wie men buiten het rangschikspel kan vinden en 2. (binnen het spel / gevecht om voorrechten:) de reacties van anderen.
Wensen is, net als besluiten wat zelf na te streven, niet te doen, voor de toekomstblinden die wij allen zijn.

 

 

 

0 Reacties

Plaats Een Reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *