Jaap Schot, 22 januari 2003
Ach, Marietje, knoeiers zullen knoeien,
Ook al noem je het geen knoeien meer.
Begrippen en verhalen komen van her en der, van deze en gene. [Trotteldrom van Toonder, voor ‘massa’ zie Canetti, enz.] Het gaat er niet om wat er door deze en gene mee bedoeld werd, het gaat er om welke meldingen ik er mee kan formuleren ( = welke kennis ik ermee in formatie kan zetten, welke kwaliteit ‘wegwijzers naar verschijnselen’ ik ermee kan maken). Begrippen zijn als Legosteentjes, maar dan van verschillende merken en dus niet bijeen passende vormen. De beschrijvingen die met deze heterogene bouwmaterialen worden gemaakt zijn dan ook niet stevig en niet geschikt als onderwerp van studie. Het zijn los van elkaar te gebruiken wegwijzers naar verschijnselen. Wie die verschijnselen die er mee beschrijfbaar blijken niet kan vinden en waarnemen, kan het beste de tekst opbergen en het na een jaar of vijf nog eens proberen.
Je bewust zijn dat je aan het begrijpen bent met jouw begrippen en dat hetzelfde met andermans (aan de jouwe ongelijke) begrippen ook (maar wel: evenmin passend) begrepen kan worden.
Als die mensen met die wiskundeknobbels (telgezwellen) met hun deskundigheid beginnen is het aanwijzen en ter telling nemen van de deelverschijnselen reeds achter de rug. Hun werk kan dan ook in niet waarnemende machines, want het gaat, ook al gaat het nergens over: het gaat volgens regels, zoals logica. Een overeenkomstige, in zich gesloten, naar niets gebeurends of gebeurds verwijzend gedoe wordt ook met taal als speelgoed bedreven: met consistentie ( = afwezigheid van innerlijke tegenstrijdigheden van logische e.d. aard) en grammatica worden ‘fantastische vertellingen’ aangemaakt, die al of niet als fictie gebracht worden.
En het is nóg erger: de laatste maanden wordt mijn televisiescherm herhaaldelijk in beslag genomen door USAgeleerden die met wanen omtrent Marskolonisatie, ‘over anderhalf miljard jaar moeten we hier van Aarde weg zijn, want dan wordt de zon te warm’ en dergelijke werven voor meer geld voor NASA. En dat wordt allemaal zonder commentaar en ‘met droge ogen’ uitgezonden. In wetenschapsrubrieken!
Guido Knopp vertelt ons (met films, over de Duitse televisie) herhaaldelijk dat, als Hitler sprak over een duizendjarig rijk, dat dan waanzin was, hoogmoedswaanzin. Wat zal dan dit gepraat van de USAmerikanen zijn? Inderdaad: superwaanzin.
Maar dat stoort niemand zolang de waanzinnigen in kwestie aan de macht zijn. Die duizend jaar is genoemd om te inspireren, die kolonisatie van Mars wordt genoemd om een deel van de uitgaven voor wapenontwikkeling te kunnen boeken als voor ‘wetenschappelijke ontwikkeling’ en ‘voortgang van de beschaving’, ‘redding van onze soort’.
Er zijn ontelbare Duitsers en Nederlanders, die dit opmerken, hoe, waarom en door wie wordt verhinderd dat ze dat er even bij kunnen zeggen, bij die films, die ‘wetenschapsprogramma’s?
Nee, het spreekt allemaal níet vanzelf.
Een trotteldrom hikt.
Twaalf miljoen stemgerechtigden zijn er, Nederlandse staatsburgers boven de 18 jaar. Twaalf miljoen apperceptieve massa’s, twaalf miljoen verzamelingen sporen van wat de betrokkene toevallig werd aangedaan, dat is: overkwam, mede door acties en reacties van zijn eigen reeds aanwezige apperceptieve massa (waardoor hij hetgeen hem overkwam mee maakte, opvatte, plaatste, deed zijn wat het voor hem was en tot nadere bewerking: bleef en blijven zal.
Twaalf miljoen apperceptieve massa’s die werden zoals ze nu aan het gebeuren (‘bestaan’) zijn; werden zo zonder plan of toezicht, onbedoeld door enige intelligentie: pure toevalsproducten.
De ‘houder’ van een (“zijn”) apperceptieve massa.
Meemaken is geen door een vrije wil geïnitieerde of gestuurde daad, ‘de houder van een apperceptieve massa’ kan niet nalaten zus of zo te reageren via zijn apperceptieve massa: hij kan er niet uit (uit die apperceptieve massa, die hem omhult) en niet omheen. Hij, die [gedachte, met een woord benoembare en dus denkbare] ‘houder’ kan slechts zich bewust zijn van en toekijken bij wat “zijn” reactie is en beseffen dat het niet echt zíjn reactie is, maar die van de sporen (de leerresultanten) van zijn verleden. Die houder is bewust, KENT, neemt waar, weet en kan txaenz nemen en zijn bewustzijn laten duren, ( = laten gebeuren = laten bestaan), met name door het uit te schrijven: met zijn kennis en zijn begrippenapparatuur / zijn taal: informatie aan te maken, in de vorm van een melding, een bericht.
Waar txaenz stroomt, daar bestaat iets, gebeurt iets, duurt iets. Bestaan, duren en gebeuren zijn één en hetzelfde.
Zodra en zolang ik kijk naar mijn eigen reacties besta ik als beschouwer, als ‘houder’ van mijn apperceptieve massa.
Twaalf miljoen stemgerechtigden, daar zitten honderden houders van apperceptieve massa’s tussen. De rest ‘denkt’ “zijn” apperceptieve massa te zijn, zonder te denken, bewusteloos bewustzijn, afwezig, ‘met de kop er niet bij’, zonder afstand ervan te nemen, zonder zich als ‘houder’ ernaast te postuleren. Gemeten wordt het stemgedrag van vrijwel twaalf miljoen lieden met een gemiddeld IQ van 100, ieder opgescheept met een unieke, eenmalige, onherhaalbare, volstrekt toevallige, willekeurige, amorfe (vormloze, structuurloze, waarin nergens een spoor te vinden is van een poging zelfs maar tot bouw van iets), slordige, ondoordachte, nooit beschouwde, met onbruikbare herinneringen (aan sport bijvoorbeeld en aan culturele prestaties en uitvoeringen) en associaties (automerken, horloges, kledingmerken en hun statussymbolische waarde bijvoorbeeld) overvulde apperceptieve massa. Door zoveel mogelijk emoties op te wekken en de aandacht zoveel mogelijk áf te leiden van alle onderwerpen, zelfs van de naar voren gebrachte trivia, náár personen en hun uiterlijk en optreden, wist men het functionele IQ nog tig punten beneden de honderd te krijgen. Vast.
=== DEMOCRATIE, een milde ramp. ===
Er is in de organisatie / regeling van deze “onze” democratie geen veiligheid ingebouwd tegen het aan macht komen van wie dan ook. Vorige verkiezingen zagen we dat feit door de opkomst en (dank zij één enkele daadkrachtige man) afgang van een fatterige relnicht, waar iedereen van gewalgd zou hebben, zoals ook iedereen Hitler een kleine schreeuwerige man zou hebben gevonden, ware het niet. Ware wát niet?
Dat is een goede vraag. Voor mij én voor de lezer de moeite waard om er een antwoord op te zoeken (door ieder naar zijn eigen zintuiglijke en andere gegevens te kijken, die te begrijpen, te verwoorden en uit te schrijven).
Die twaalf miljoen stemgerechtigde Nederlanders vormen een trotteldrom. Die drom heeft op verkiezingsdag een oprisping.
Van de opkomst van die gevaarlijke mannen met die aansprekende, emotionerende ideeën, hebben ‘ze’ niks geleerd. Een trotteldrom kán niks leren, een drom is geen organisme. Nergens in die drom is een dader en er is ook geen ‘houder’ van de gezamenlijke apperceptieve massa’s, hoezeer C.G.Jung ook wordt geciteerd: er is geen collectief bewustzijn en geen collectief geheugen, er is niets collectiefs van of in een drom.
‘Ze’ gaven de drom een naam (Nederland) en spreken over die drom in dezelfde grammaticale vorm waarin wordt geconstateerd. [Zinnen als ‘Nederland gaat naar de stembus.’.]
Daarna lieten ‘ze’ txaenz stromen en zeiden dat dat de actie van de drom [ in dit geval ‘van “Nederland”’ dus] was. En toen was uit de drom een schijngestalte geschapen. En dat is voor de trottels in die drom veel en veel te ingewikkeld om er over of aan te denken. En dat ging heel lang goed, want er waren samenzweringen van rijke families: regenten en religieuze leiders. En er was één enkele [ten onrechte, maar om propagandistische redenen) ‘cultuur’ genoemde] verzameling bevelen en verboden vanwege deze rijken, bezitters, leidinggevenden, beroepsbesprekers en besprekingsbevoegden.
En toen vergaten de rijke families waar ze als families, generatie na generatie, aan bezig waren geweest. Ze lieten hun werk na, ze pleegden geen onderhoud meer aan de beweegredenen van het tuig om zich te onderwerpen aan hun leiding.
Zo maakten ze niet slechts de sociaal-technische FOUT de door hen gebruikten rechten in plaats van geld te geven, maar ze stapelden daar de onvergeeflijke stommiteit op om arme vreemdelingen het land binnen te brengen en dan vrij te laten. [De beschrijving van deze armen verraadt de fout reeds: ‘werkloze gastarbeiders met een onbeperkte verblijfsvergunning’. Zoiets aanmaken, dat kunnen alleen sociaal-democraten in samenwerking met managers-niet-bezitters en neo-liberalen (nieuwe rijken, uit traditieloze families) doen. En die deden het dan ook.]
[Sociaal-democraten zijn die lieden die, toen er openlijke burgeroorlog dreigde, die de socialisten overigens dreigden te winnen, de rijken alsnog de gelegenheid gaven het ophouden met mensengebruiken af te kopen. Er kwamen sociale regelingen en iedere afspraak bleek achteraf een bedrog te bevatten. Godzijdank was het te laat en konden de gebruikten niet terug de kerk in gebracht. Met ‘humanisme’, restanten religie, afgunstig willen naijveren en snobisme ging het nog een hele tijd goed, want het vinden van originele andere manieren om de vrije tijd te verdoen is moeilijk gebleken.]
Toen de vakbonden tegemoet gekomen werden en er alsnog een einde aan de extreme uitbuiting kwam, leek het een hele tijd goed te gaan: de gebruikten hadden een comfortabel zorgeloos bestaan, de gebruikers een luxueus bestaan zonder erg grote, want goed gespreide risico’s: de slavenarbeid werd naar het buitenland geëxporteerd, naar ‘lage lonen landen’, met, vreemd, dictatoriale regeringen [zetbazen van ‘onze’ kapitalisten (hè bah, wat een naar communistenwoord)].
Toen dachten ze loonslaven te kunnen invoeren voor het lullige werk hiertelande. Weer wilden ze niet genoeg betalen en investeren, niet voor het lullige werk en niet voor de machines om dat werk overbodig te maken.
[Schoolvoorbeeld: tijden lang hebben gastarbeiders het huisvuil opgehaald, ten koste van hun gezondheid (rug en ledematen). Nu tilt de chauffeur vanuit zijn auto in zijn eentje de bakken in hele wijken, geen last van het weer of van het gewicht. Dat had toen ook gekund, er zit geen enkele zó moderne techniek in.]
En natuurlijk wilden ze niet ieder zijn eigen korvee laten doen: zich laten dienen is de kern van het hebben van een rang. En rangschikking is de ziel van deze (van elke) civilisatie.
Ze lieten dus treinen vol mannen uit lage lonen landen hierheen komen om te werken en gingen toen zoals stedelingen jegens vee doen ‘humaan overwegen’ wat er jegens deze mensen gedaan kon en mocht en moest worden. En toen ging het natuurlijk mis. Als je andere mensen, soortgenoten wilt gebruiken, moet je ze als ondermensen opvatten en definiëren: als mensvormige dieren, als gebruiksvee. Je kunt geen gelijken gebruiken, je kunt medemensen geen geweld en onrecht aandoen, daar word je zelf bang van.
Voor ogen hebben, maar zonder begrippen zitten, dan ben je gewoon blind.
Slaven zijn het bezit van anderen, zoals dingen bezit zijn, maar dat is alleen maar een verzorgingsplicht met zich slepende onhandige regeling van het gebruiken van andere mensen en het was niet moeilijk die af te schaffen.
Het woord loonslaven werd wel later uitgevonden, maar de termen mensengebruikerij, gebruikten en gebruikers werden niet gangbaar.
De raadgevers, die vaak ‘economen’ en ‘juristen’ heten, kennen (nu ja, gebruiken) deze begrippen niet en geven dan ook geen passende adviezen. Ze handhaven de waan dat alle mensen op koop en verkoop uit zijn en zich aan afspraken vrijwillig houden en/of er door dreiging met geweld aan gehouden kunnen worden. Zo zit het niet, dreigen kan pas na het gesteld hebben van afschrikwekkende voorbeelden.
Denk aan het plunderen van winkels in grote steden, zodra het elektrisch uitvalt en/of de politie gegarandeerd elders moet zijn.
Wie niet wil (of kan) mishandelen wordt beroofd en/of verdrongen. Wie hier zwakkeren zijn, leven dáár met succes, OMDAT WIJ DAAR NIET KÚNNEN LEVEN. Zodra wij daar ook kunnen leven verdringen wij hen ook daar. En andersom. Zo zit het leven op aarde in elkaar. Vanaf de bacteriën tot en met ons mensen.
Natuurfilms kijken en dan zelf doordenken, dat helpt.
Trottels zijn groeisels uit kinderen, ieder mét een ‘eigen’ apperceptieve massa, maar zónder een afgescheiden ‘houder’ daarvan, een ‘houder’ die KENT en WEET (onderscheidt, benoemt en beschrijft) en door deze txaenzbestedingen bestaat. Trottels zijn van kinderen, van dieren dus, gemaakt (‘geworden uit ’ is beter in dit geval), dat houdt in dat het dierlijke ‘niet op buitenbesturing willen staan / gezet willen worden’ werkt, aanwezig is.
Die tegenzin is een echt natuurverschijnsel, ‘de vrije wil’ is dat niet.
Elk aanvaarden van gezag is oppervlakkig en berust op angst (al of niet overdekt met geloof in een juristensmoes verpakt in al of niet religieuze termen en verhalen).
De humanen willen geen angst wekken, maar als afgestudeerde juristen en anders geschoolde comfortabel levenden, wensen zij IMPLICIET en onvermijdelijk het voortduren van het gehoorzamen van de loonslaven aan wie betalen, aan Koning Klant. Vrijwel alle stemgerechtigden zijn in deeltijd loonslaaf / gebruikte en in deeltijd Koning Klant. Middenklasse heet dat. Door deze gespletenheid ‘denken’ ze zelfs dat ondernemers en werknemers sociale partners zijn. Ze proberen samenwerken van VVD en PVDA. Totaal zonder enig inzicht. Onaangenaam verrast zijn door ‘excessieve zelfverrijking door managers’, zulke verschijnselen doen zich voor: verrast zijn komt voort uit een verkeerde verwachting. Niemand moet de onderhandelingen zien, als gebruikte en vertegenwoordigde, want dat wil ie niet. “Dat wil je niet weten” is de uitdrukking.
HET TROTTELSCHAP.
==============
Een wetenschap studeren maakt een mens tot socioloog, natuurkundige of arts of zo. Het helpt volstrekt niet tegen trottel zijn en blijven.
=========
Iedereen kan slechts zijn éigen trottelschap opheffen. Dat [eigen trottelschap tenietdoen] kan door het besteden van txaenz (denkkracht is in deze een belangrijke factor, maar slechts een factor), tijd is nodig, herhaling moet, herhaling als onderhoud aan het begrippenapparaat en om de nieuwe feiten als voorbeelden te kunnen beschrijven, uitschrijven. Uitschrijven is echt DE bezigheid. Naar mijn ervaring.).
Multi culti.
Het invoeren en blijvend in het land houden van gastarbeiders, gebruikten, met een elders aangemaakte apperceptieve massa was een fundamentele fout. Waar twee culturen elkaar raken zijn er twee mogelijkheden:
- onderwerping van de een aan de ander en vernietiging dus van die een
- vernietiging van beide culturen, resulterend in de afwezigheid van elke cultuur (zoals tot uitdrukking gebracht in het spreekwoord ‘stadslucht maakt vrij’). In steden, dat is: in civilisaties is er geen cultuur. ALLES MAG, NIETS HOEFT. DUS OOK BETALEN NIET. OOK ROVEN IS NIET LANGS BINNEN GEREMD. NIETS IS HEILIG.
Je kunt je blindstaren op het van elkaar overnemen van cultuuruitingen (haardracht, tatoeëren, muziek, dans en zo). Dat is luxe besteding van geld en txaenz, zonder diepte in de apperceptieve massa.
Als er iemand anders naast mij, hier, nu, is, die niet hoeft te leven volgens de nastrevenswaardigheden, vormgevingen en remmingen in mijn apperceptieve massa, dan hoef ik dat ook niet.
Het is ondenkbaar dat ik als genencombinatie, van nature, chemisch dus, specifiek sociaal ‘afgesteld’ zou zijn. Alleen wat mij hier nu wordt afgedwongen hoef ik: onder dwang van anderen, aan wier aandacht en greep ik niet kan onsnappen. Nodig is alleen het nodige: ademen, slapen, eten, en dergelijke, kijk maar, laat het maar een tijdje na. De rest is flauwe kul. Er blijft geen enkele cultuuruiting over als vanzelfsprekende oplossing voor het probleem ‘hoe mijn / onze overtollige txaenz (“vrije tijd”) te verdoen’. Waar geen enkele oplossing vanzelf spreekt is er weer dat zeer moeilijk oplosbare keuzeprobleem: de alternatieven zijn allemaal even belachelijk, futiel, nodeloos, zinloos, vervelend, saai. Hangen heet het nietsdoen omdat er geen der alternatieven ter keuze echt lokt. Samenhangen, ja gezellig.
Er is geen recht en er is geen plicht in een civilisatie: er is wel geweldplegen dat als straf wordt verkocht en waarmee gedreigd wordt nadat er voorbeelden zijn gesteld, elke keer dat voorbeelden nodig waren voor nieuwkomers. In een civilisatie is er geen gezamenlijkheid (Thatcher!) er is alleen macht die komt uit de loop van een geweer.
Er is niets mis met de kutmarokkaantjes en al die andere criminelen, dat zijn gewone geciviliseerden. Er is alleen inadequaat functioneren van politie en justitie, er is alleen een schijnheiligheid bij die beschaafden, een schijnheiligheid die ‘ze’ zelf ook weer niet ‘als hóuder van hun apperceptieve massa’ bekijken en dan ook niet erkennen. De gewone gebruikte geciviliseerden, die dezelfde mentaliteit hebben als die kutmarokkanen, begrijpen het heel goed. Even onder de oppervlakte begrijpen en voelen die “beschaafden” het ook, maar die vernislaag willen ze niet kwijt. Ze kunnen, als bevoorrechten, toch niet zeggen, expliciet, dat hun voorrechten achter geweren worden uitgeleefd en gehandhaafd. Dat is toch het einde van deze hele namaakbeschaving. Hun superioriteit wordt immers niet erkend, kijk maar: zodra een Pim ermee spot wordt hij voor anderhalf miljoen van die groeisels uit kinderen een volksheld.
‘Het is ondenkbaar dat ik als genencombinatie, van nature, chemisch dus, specifiek sociaal ‘afgesteld’ zou zijn.’
Het stikt dan ook van de Nobelprijzen voor genetici: zij zijn de hoop van de gemengde, multi culti trotteldrommen. Maak er maar gerust wanhoop van, dit wordt niks, al duurt het wel weer tientallen jaren.
0 Reacties