Jaap Schot, 1 december 2007
Waarheid1: in operationele woorden, in moedertaal, in ‘hanteren begeleidende’ taal. De reportage, de anekdote.
Let op: zonder beoordeling, waardering: de roddel is niet waar, niets is schandelijk, van schuld wordt slechts gesproken, niemand vond/ zag ooit schuld of eer of deugd of ondeugd. Dat zijn allemaal dingen die aan waarheid1 gehecht worden, als fantasieproduct er aan worden toegevoegd. Gewauwel is het, waardeladerij.
Waarheid2: vinden we in ‘verwachtingen genererende’ verhalen en begrippensystemen/termengroepen. Respectievelijk in ECHTE literatuur (bijvoorbeeld in de Bijbel) en in natuurkunde- en scheikundeboeken). Wat waar2 is, verkláárt de eenmaligheid, maakt er een verwacht
- van god of goden te verwachten, respectievelijk
- ‘van ingrijpende goden vrij’
gebeuren van.
Het eenmalige wordt een voorbeeld.
- ”Gods adem heeft ze (de schepen de Armada) verstrooid, voor het aangezicht van ons, Zijn knechten, gelijk Hij de Kanaänieten sloeg voor het aangezicht van Zijn volk Israël”
- (Seconds from disaster) de kromgetrokken spoorrails, i.p.v. de straf van een god. Nauwkeurige waarnemingen waaráchter niets verklaard kan worden: natuurwet, gegeven, gevonden, aangetroffen, geformuleerd en van deze waarheid2 hier, in deze ramp, weer een voorbeeld. Verder niets.
Waarheid3: abstract van het eenmalige, de soortnamen als grondwoorden, namen van dimensies, meetbaarheden, plus de eenheden die scores, telbaarheden op dimensies genereren.
“Bij verwarming zetten de lichamen uit.”
???? (Slechts) hier vindt de logica toepassing ????????
Waarheid4: het cijferen, het bij de werkelijkheid en de plannen ten aanzien daarvan rekenen.
Wiskunde: waarheid3 en waarheid4 gecombineerd
Naast waarheid: inspiratie, sentimenteel gevoel, broedzorginstinct, soortgenootliefdesinstinct, de entelechie.
De huisvrouw verzorgde de door de baas gebruikte, zoals de ‘meester’ in het schip de machine voor de baas verzorgde. Die vrouw zorgde ook nog voor nieuw gebruiksvee. Toen met de stofzuiger e.d. de huisvrouw minder uren ging maken, moest Marie wijs worden en carrière gaan maken, zich op de werkplekken door de bazen gaan laten benutten. En omdat dat niet van God moest, moest het maar worden gebracht als emancipatie (van meisjes naar meiden). En dat lukte, want: ook van vrouwen is het gemiddelde IQ slechts 100 (en dát is laag), zeer laag. En:
- met competitie qua uiterlijk,
- met gevoel, en
- zonder ‘feitenkennis leren’
is het intellect dát er is, ook nog buiten gebruik. Heerlijke nieuwe tldistische wereld.
Ik leef (en dat omvat: ik denk) alleen, dus zelf. Ik leef (..) zelf, dus alleen.
Slordig taalgebruik
De woorden ‘samen’ en ‘wij’ worden in zeer “verdunde” betekenis gebruikt. Vaak verwijst de gebruiker ermee naar vrijwel niets, naar alleen lijfelijke toevallige nabijheid (we stonden samen in de lift). Of zelfs bewust naar niets gegevens, naar een gewénst iets. Wij, gebruikers van de Nederlandse taal, treffen deze gebruiksgewoonten bij “onze” woorden aan.
Vaak, zeer vaak, als we onze aandacht echt bij een ons gegeven onderwerp hebben, als we inzien, doorhebben, dan merken wij dat de taal ons geen ondubbelzinnige, precieze, bewoordingen levert. En elke vondst van elke publicist (ik denk hier aan degene die de term ‘slachtoffer’ invoerde voor, zeg maar, de verkeersdode, de mobiliteit voorstellend als een afgod, die met mensenoffers wordt geëerd), ziet zijn woordbegripcombinatie uitgebreider gebruikt gaan worden. In dit geval: ook voor ‘gewonde’, ‘degene aan wie schade is berokkend’, tot en met voor ‘onderwerp van gesprek’. Wie (vermoedend, want niet in staat te kennen) teruggaat naar de oorspronkelijke bedoeling van degene die de term invoerde, kan zeggen (opmerken zelfs) dat hij beter gaat bedoelen met dit woord. Maar dat zal hem geen ‘beter’ verstáán (opgevat, geïnterpreteerd, gelezen, gehoord) worden opleveren. Goed en beter denken zijn – voor degene die zich laat horen (publiceert, laat lezen) als zodánig – voor een mens als publicist TOTAAL ZONDER ZIN.
Verbeteren eigen mening is nutteloos
Dat is analoog aan het feit dat het uitwerken en verbeteren van je mening totaal zonder nut is. Je kunt bij de eerste de beste opwelling blijven, want
- het recht je mening vrij te uiten verkrijg je niet pas door het voldoen aan kwaliteitseisen en
- je recht op respect vervalt niet bij het blijken van wát dan ook, en
- er is altijd een politicus die jouw eerste opwelling in de tweede kamer wil vertegenwoordigen en
- de meningen die zich in die kamer doorzetten, de wet in, zijn de meestvoorkomende, NIET de beste: er worden neuzen (“stemmen”) geteld, er worden geen zaken doordacht. Het succes van de politicus is herverkiezing, niet: iets positiefs en/of constructiefs doen [c.q. tot stand (laten) brengen].
Het tolerantistisch liberalistisch democratisme maakt alle intellectueel streven, elk onderzoeken en elk dóórdenken VOLKOMEN NUTTELOOS, EEN EIGEN HOBBY, waarvan de topprestaties
- niet geweten (← opgemerkt tussen de miljoenen publicaties, weblogs, websites, boeken en artikelen en programma’s in radio en televisie),
- niet gemeten en
- niet in het Book of Records genoteerd
worden.
Dat tolerantistisch liberalistisch democratisme moeten we ‘ons systeem’ noemen. Wij hoeven niet te weten (← door te denken tót we zien) dat dat systeem de resultante (← geen eindbedoeling met het zo, dus geen resultaat) is van zet na zet, compromis na compromis in stand en bloei houden van het binnensoortelijk parasiteren: het (ten koste) van elkaar (= van elkaars txaenz) leven der mensen. Zet na zet in het tot een vredig (wapengeweldvrij is de betere term) spel omgevormde vechtend ongelijk verdelen van de twee erfenissen die uit de oorlog voortkwamen: die van de overwinning (de voorrechten) en die van de nederlaag (de plichten).
Wij moeten maar liever niet dit systeem objectief op eigenschappen en herkomst onderzoeken en het op – al of niet bedoelde, geziene, toegejuichte – gevolgen doordenken. Wij worden aangemoedigd het toe te juichen, meejuichend met bewondering voor de duidelijke winnaars in het spel.
Goed denken is ook zinloos
Goed en beter denken zijn – voor degene die zich laat horen (publiceert, laat lezen) als zodánig – voor een mens als publicist TOTAAL ZONDER ZIN. Daar komt bij dat het geen enkele zin heeft iemand ongevraagd aan gegevens te helpen, die met zijn (geuite) mening niet te verenigen zijn. We zijn niet immers samen de beste woorden bij de volledigste verzameling waarnemingen aan het zoeken. Om daar de meest productieve acties bij te voegen en de opbrengst eerlijk, gelijkelijk en ongelijk naargelang voor ieder van ons ongelijk NODIG. Die symbiotische structuur heeft onze massa dooreen levende soortgenoten niet. Integendeel, we gaan met elkaar en met ‘wat er te verdelen is’ om, als hadden we níet van nature belangstelling voor – want in de oertijd, toen we nog geen plaag vormden, belang bij – elkaars LEVEN (→ overleven) en welzijn.
Een voorbeeld. In India – waar dat evenals bij ons, wettelijk verboden is – werken kinderen in fabrieken, in plaats van in scholen te leren. Ze wíllen wel, maar ze moeten (elke dag een dollar) verdienen. Dat betreft, laten we even het rekenen gemakkelijk maken 1 miljoen kinderen, 400 dagen per jaar, die dus voor $ 1,50 per dag mogen gaan leren op school, voor bijkomende kosten (schooltje, onderwijzers, leermiddelen, enzovoort) van pakweg $ 3 per dag. Dat is (400x4,5 =) 1800 miljoen dollar per jaar. Dan is het hele probleem ‘kinderarbeid in India’ opgelost. 1800 miljoen dollar = 1200 miljoen Euro. Pittig sommetje. 100 Euro per Nederlander per jaar. Meer dan moeilijk doen tegen de Taliban in Uruzgan. Dat zijn toch namen als uit een avonturenboek, ‘fantasy’ of (science) fiction.
De 'mens' is nergens aan bezig
Dit is allemaal onzin. De diersoort ‘mens’ is, evenmin als welke andere diersoort ook, aan iets bezig. Ieder exemplaar gebeurt gewoon, verloopt als het chemisch proces dat het is, als een ontstoken vuur. Afhankelijk van de omstandigheden lang of kort, vredig, fel of hoe dan ook brandend. Zonder doel of bedoeling. Het vuur (c.q. het exemplaar, de eenmalige genencombinatie) doet zich niet en wordt niet gedaan. Het gebeurt gewoon, elk spreken van daderschap is leeg gewauwel. Gebeuren werd en wordt ervaren en waargenomen, doen en gedaan worden niet.
Maar dát we op televisie dat afkeurende gepraat over kinderarbeid dáár horen, is een illustratie van die bemoeienis/ bekommernis met anderen, zeker met kinderen. ‘De mens’ is van nature een helpend, soortgenoten minnend (agape, geen eros) chemisch proces. Zo geworden à la Darwin en à la Skinner, nadoend, meedoend en voorlevend. ‘De mens’ deugt. Logisch, wat zouden mensen anders als ‘deugen’ (als goed dus) zien, dan wat hen ingeboren is?
Het tégen elkaar spelen, de concurrentie/ competitie/ het ongelijk verdelen als speldoel nemen, dat moet de kinderen dan ook met geweld aangevaderd worden. SPORT heet die religie waar ze iedere zondag de eredienst van zien bijwonen door hun vader, die zij (dat is ingeboren: liefhebben en imiteren). SPORT en de CONSUMPTIE VAN LUXE (auto’s en andere goederen). 'Je’ leert het van papa (= de vaderaar in kwestie en dat hoeft niet je lijfelijke vader te zijn). En het wordt je afgedwongen eraan mee te doen, van opzij. En dat is dan nog de (c.q. ónze) variant. Lid worden van een gang in de sloppenwijken in de USA houdt nog veel gewelddadiger lessen in, aangrijpend op het koste wat kost mee willen doen. Ook ingeboren? Dan heb ik godzijdank daar een defect, een gemis, een instinct minder.
0 Reacties