Jaap Schot, 13 juni 1987
Samenvatting van waar ik tegenwoordig over denk, voor M.
Ik heb er even moeite mee de fotokopieën te vinden die ik voor je gemaakt heb van afdrukken van recente teksten. Vandaar dat ik nu een samenvatting uitschrijf, welk uitschrijven voor mezelf overigens ook nooit slecht is.
In mijn volstrekt zorgeloos en inhoudloos bestaan vormen de bomen van mijn buurman en de nieuwe matras die ik nodig heb, mijn enige zorgen. Ik merk dat er verder echt niets is waar ik me bij betrokken voel. Ik merk dat het nieuws langs mij heen gaat en dat ik niet met anderen aan iets bezig ben. Ik doe mijn best een beetje aardig voor mijn moeder te zijn en voor Maria. En ach, dan heb ik het wel gehad.
Ik schrijf vaak, de meeste dagen wel, uit wat me invalt over het gedoe en gestreef van anderen. Zelden neem ik dat in het echt waar, maar toch nog tamelijk vaak via media (televisie, radio en krant). Ik neem het waar als was het het gedoe en gestreef van wezens van, en op, een andere planeet. Iets exacter: alsof ik op deze planeet een gast (verkenner) van een andere planeet was. Ik schrijf teksten uit die aandoen als voorstudies voor een rapport 'over aarde in deze tijd' naar zo'n andere planeet.
Ik heb ook het bijpassende gevoel: geen gevoel, vanwege te grote afstand. En ik vind er geen lust in. Ik heb wisselende stemmingen. Maar nu bijvoorbeeld, wachtend op een mannetje met wie ik met de buurman over diens tuin moet gaan praten, kan ik niets positiefs bedenken. Bomen en matrassen blijven maar hinderen en ik wil er geen energie in steken. En dat kost een energie! Daar wordt een mens doodmoe van. Walgelijk vind ik dit.
0 Reacties