Wapengebruik

Categorieën: 1990, 1 januari – 1994, 31 december | Archief

Trefwoorden:

Jaap Schot, 25 januari 1993

Voor wie vechten zijn, bij gebrek aan beter, allerhand dingen
wapen.
Als wapen wordt ook wel eens een broodmes gebruikt, bijvoorbeeld.
Ook het organiseren van medemensen is een wapen: een plan maken
en samenwerken, dat maakt sterker dan ieder voor zich is.
Samen vechten is samenwerken als het plan in kwestie het
bestrijden van anderen inhoudt.
Een goed plan wordt gemakkelijker en beter gesnapt, onthouden,
ingezien en uitgevoerd als er een goed inspirerend, opwindend,
spannend verhaal omheen verteld wordt. Ook zo'n inkaderend
verhaal wordt (verwordt) in handen van vechters tot een wapen.
Zo'n verzonnen kader rond wat er als plan uitgevoerd moet worden
(een maal, jaarlijks of elke dag, dat maakt niet uit) is ook elke
godsdienst (ruimer: elke religie) waarschijnlijk ooit geweest; of
niet, dat maakt niet uit: nu ze er zijn, zijn ze als zodanig
bruikbaar en af en toe ook, deels, in gebruik. Ook als wapen,
niet zelden.

De keuze waarvoor de mensenmassa staat is die tussen
'vrede + rede' of 'oorlog + voorrecht (luxe, extra, macht)'.
Zodra er een iemand uit (c.q. in) die massa koos voor oorlog, was
het oorlog, tot-ie dood was. Dood, want een reden om op te houden
is en komt er bij dat alternatief niet.
Niemand kan vrede stichten of handhaven, iedereen kan het
vechten om voorrechten starten. Ooit waren de mensen zeldzaam en
leefden ze samen, niet in massa (diffuus, zonder structuur,
amorf, onverbonden, los) dus, maar zonder enkelingschap,
zonder op zichzelf alleen gesteld te zijn.
Slechts zolang de mensen zo leefden, konden zij die het vechten
begonnen worden gedood, kon de vrede worden hersteld.
Nu kan dat niet meer, nooit meer.

Van 'oorlog' spreken we als voor het
vechten voornamelijk 'wapens in engere zin' gebruikt worden.
'Koude oorlog' noemde men het in wedstrijd met elkaar aanmaken
van 'wapens in engere zin'.
'Het grote vechten' is het streven naar het voor zich vestigen
van voorrechten, dat is: het voor anderen vestigen van
achterstellingen. Het gaat om rangschikken en de een z'n
bevordering is onvermijdelijk de ander z'n achterstelling. De
propagandisten willen dat feit niet in het bewustzijn van de aan
het front verblijvende door het vechten niet geinspireerden laten
komen. Daarom verbreiden ze manieren van bespreken voor dat grote
vechten waarbij er gesuggereerd wordt dat er om schaarse goederen
(begeerlijkheden) gevochten wordt en niet om: rang, macht,
gelegenheid tot heersen en vernederen. Maar dat is waarneembaar
niet waar: het gaat niet om spullen ('het bezitten van de zaak is
het einde van het vermaak'), de vechtenden zijn op elkaar
betrokken, ze willen gezien worden, ze willen rang, aanzien,
belangstelling, aandacht, bewondering, hoogachting, bekendheid,
beroemdheid. Dat alles is geen spul, is immaterieel,
onstoffelijk.

Als je 'het grote vechten' niet kunt doen ophouden, dan kun je
proberen het te beschaven.
Schaven is gladmaken, het eraf halen van het ruwe: de stekende
splinters , de scherpe kanten. Beschaven doe je stukken hout,
stukken van gedode en ruw in stukken gedeelde bomen.
Het beschaven was (en is logisch) bestemd voor ruw geworden, tot
vechters verworden groeisels uit kinderen. Waarschijnlijk wegens
uitblijvend succes bij het pogen deze lieden te beschaven, heeft
men het wapen 'beschaven' gericht tegen jonge kinderen, ook als
die nog helemaal niet op eigen initiatief en uit een spontane
innerlijke drang aan het vechten en begeren waren gegaan. Men
bestreed en bestrijdt de mogelijkheid tot het kwaad in kwestie,
die in kinderen vermoed wordt, ook al voordat die mogelijkheid
verwerkelijkt werd, voordat het kind in kwestie op dat boze idee
kwam. De beschaver brengt elk kind op dat idee. [Het mooiste
voorbeeld is een biechtboekje met daarin opgesomde zonden,
uitgereikt om de biechteling de gelegenheid tot zelfonderzoek te
bieden.]

Dat iets (een broodmes, het organiseren, enz.) als wapen gebruikt
werd en/of wordt, maakt het niet tot 'wapen in engere zin'. Een
geweer is een wapen in engere zin, en een tank.
Het is tamelijk moeilijk om met een geweer als gereedschap iets
constructiefs te doen, iets te construeren, iets te bouwen.
De voorbeelden van het gebruiken van 'wapens in engere zin'
als constructief ingezet gereedschap zijn, zoals alle
uitzonderlijkheden, overmatig in het nieuws, in de verhalen,
in de overleveringen ondergebracht. Het uitzonderlijke is
nieuws, de kranten staan vol van die uitzonderingen die
verwijzen naar de regel die (naar het gewone dat) er het
tegendeel van is. Dat verwijzen gebeurt impliciet,
stilzwijgend, zonder woorden, onuitgesproken.
Met dat centraal stellen van de uitzonderingen is niet op de
kranten gewacht: in de oude verhalen is de soldaat dapper en
de koning wijs. De rechter is er rechtvaardig en de werker
taakgericht. En boontje komt er om z'n loontje. Van Eichmann
wordt het verhaal bewaard, van Mengele, die nooit enig
nadeel had van zijn rol in de oorlog is het minder leuk
vertellen, in ieder geval is het niet inspirerend, niet
opbouwend, niet stichtelijk. De moraal van het verhaal deugt
niet.
Het centrale en gewone, het echte, blijft onbesproken, wordt
niet onderwezen, moet worden afgekeken van wie het doen en
dan stiekem, verscholen, stilzwijgend (want het mag niet van
de beschavers, de opvoeders) worden nagedaan. Roken, stelen,
drinken, bedreigen en bedriegen, om er een paar te noemen.
Het centrale, gewone, echte, dat is 1. het vechten om
voorrechten voor jezelf te vestigen, vechten dus om je
minderen aan te schaffen en 2. laten zien dat je voorrechten
neemt, dus hebt, ze consumeert, (jij intimideert, treitert,
mishandelt, rookt, drinkt, spuit en snuift) of de opvoeders
deze, jouw voorrechten erkennen of niet. Zo en niet anders
ben je een flinke vent (of meid) en anders niet. En wie geen
flinke vent (of, leve de emancipatie: meid) is, die minacht
jij.

Het is een moeilijk te vermijden en gemakkelijk na te voelen
vergissing om als wapen gebruikt gereedschap te diskwalificeren,
te doen alsof het na dit misbruik niet meer voor constructiefs
bruikbaar is. Aan dingen verandert niets door misbruikt worden,
aan mensen wel. Het misbruik wordt herinnerd, net als al het
andere meegemaakte en ondergane. Al het heden wordt verleden,
maar een spoor in ons, dat blijft. We kunnen die altijd (zij het
ook vaak onbewust gehouden) actieve sporen slechts onschadelijk
maken zoals oesters dat met irriterende zandkorrels doen: ze
overdekken met een gladde, hen voor alles wat binnenkomt
onbereikbaar makende laag (een parel). Met een ander beeld: we
moeten ervoor zorgen dat wat we later meemaken en ondergaan al
lang anders dan als een weer dreigende herhaling van de geleden
ellende is opgevat en behandeld !! voordat de herinnering ook
maar wordt opgeroepen. Dat vormen van zo'n parel, van zo'n
afvoercircuit voor spanning, is een hele klus, maar bij ernstige
trauma's onvermijdelijk, noodzakelijk.

Een broodmes blijft een nuttig werktuig, ook al zijn er mensen
mee verwond.
Religies en andere verzamelingen (inspirerende, plannen
verklarende en samenvattende) onwaarheden kunnen nuttig gebruikt
worden, ook al zien wij dat nergens gebeuren en al weten wij niet
of het vroeger, lang voor onze tijd, ooit in vermeldenswaardige
mate gedaan is.
Ook wapens in engere zin voeren geen oorlog. Er is vrijwel niks
nuttigs mee te doen, maar als er niemand aan komt, veroorzaken ze
zomin oorlog als kathedralen rooms geloof of eucharistievieringen
veroorzaken.

Anderzijds is het ooit door iemand wel eens als positief bedoeld
zijn van iets (de democratie bijvoorbeeld) geen reden om het
negatieve uitwerken ervan niet op te merken.

Aan het front kan ieder voorwerp tot een mijn gemaakt zijn (booby
trap). Je start je auto en je vliegt in stukjes door de lucht.
Het front is overal. Zelfs het fysieke, dat met echte mijnen.
Maar dat is nieuws, dus uitzondering.
Geen nieuws, want geen uitzondering is het volgende: in het
gewone praten van mensen (bij verkoop, discussie en debat) moet
je, tot het tegendeel je bewezen is, iedere uitspraak opvatten
als een onwaarheid, uitgesproken als zet in het grote
vecht"spel", het jou toespreken als een gevechtshandeling dus.
Korter gezegd: iedereen liegt alles tot het tegendeel bewezen is.
Wie jou iets zegt doet dat om je te belazeren, te bedriegen.
Tenzij hij het doet om je te bedreigen, maar dat merk je dan wel,
uit de vorm en de inhoud van de uitspraak.

Toch is de taal nog steeds het middel om iemand op deze stand en
gang van zaken te wijzen, om hem/haar te waarschuwen en te
helpen.

Het front is overal: bij velen tot in hun eigen gezin, in hun
eigen relaties, in hun eigen huis, niet slechts op hun werk en in
de winkels. Menig huwelijk, menige relatie, is puur een gevecht,
men heeft zich een mindere (soms een meerdere) aangeschaft. Met
het veelgeroemde 'geven en nemen' maakt men ervan dat men zich
een partiele mindere resp. meerdere heeft aangeschaft: "we hebben
zo ieder ons eigen gebied", "we zijn van elkaar afhankelijk,
elkaar tot steun" enz. enz..

Ten diepste en in feite staat deze stand en gang van zaken “ons”
niet aan en “we” hebben het er dan ook elke dan in alle media over.
Meestal in de vorm van het opsommen van de uitzonderlijk erge
misstanden en van het verdringen (onbesproken laten) van wat
alledaags, niet uitzonderlijk (maar daarom nog niet minder erg)
is. Voorbeeld: een treinramp is zes doden, dertig dagen een dode
per dag op de weg dat haalt de krant niet; 10% van de olie die in
zee komt, komt uit de spectaculaire scheepsrampen die de kranten
en dus ons bewustzijn vullen.

Iedere vreemde is tot het tegendeel bewezen is, op te vatten als
een roofdier dat van exemplaren van jouw soort leeft. Dat is tot
in het absurde waar: hoor je (in zijn denken) tot een van die
andere niet te onderscheiden soort, dan voorziet-ie je van een
Jodenster of een roze driehoek om je te kunnen herkennen als
prooidier. En in Joegoslavië weet iedereen nu ook pas sinds kort weer
iedereen heel zeker tot welke ondersoort hij 'gerekend wordt'
(wat wel iets anders is dan 'hoort').

Kortom, het is genieten geblazen. Doen dan.
==//==

 

0 Reacties

Plaats Een Reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Categorieën in Jaap’s teksten

Recente reacties