Onlangs ben ik naar de bioscoop geweest om de film ‘Poor Things’ te bekijken. Het is een goede film, maar ik heb ongetwijfeld “een andere film” gezien dan iedere andere kijker. Hetzelfde geldt volgens mij bij het lezen van een boek. Je kunt rustig stellen dat iedere lezer een boek anders leest, hoezeer ook dezelfde tekst voorligt.
Achteraf las ik in “Filmkrant #465” (februari 2024) enkele artikelen en een column over deze film. Ik prees mij gelukkig die teksten niet van te voren gelezen te hebben. Al was het maar omdat informatie vooraf, mede stuurt hoe je een film ziet – of, een boek leest.
Zo ben ik geen moment op het idee gekomen ‘Poor Things’ als een feministisch getinte film op te vatten. Dit in tegenstelling tot enkele vrouwelijke bioscoopbezoekers.
Na afloop vroegen zij wat ik van de film vond. Ik zei dat mij vooral was opgevallen hoe hoofdpersoon Bella strijd leverde tegen "vanzelfsprekendheden". Dat deed me denken aan ‘Seven of Nine’ uit Star Trek. En in het verlengde daarvan, riep het bij mij ook het beeld op van “de buitenaardse verkenner”, die Jaap in menig schrijfsel opvoerde.
Wellicht herinnerde ik me onbewust, ergens diep verborgen in mijn geheugen, een tekst die hij me in 2002 stuurde. Zie dit fragment:
Weinig verheldert zo als ‘onderwijzertje’ spelen.
Leg het uit aan een nieuwkomer: een kind of een buitenaardse intelligentie.
Veronderstel niks bekend bij de ander.
Vanzelfsprekendheden zijn mistmachines.
De overeenkomst tussen al deze fictieve wezens is dat ze niet zomaar alles voor zoete koek slikken, maar vanzelfsprekendheden juist bevragen. Bella en ‘Seven of Nine’ doen dat expliciet. Die buitenaardse verkenner doet het vaak impliciet.
Jaap vertelt, hij legt uit. Zonder dat de vraag gesteld, de verwondering getoond, hoeft te worden. Voorbeeld: zijn opstel “Aan de verkenner, afkomstig van die andere planeet”, uit 2015.
0 Reacties